Naar hoofdinhoud

Artikel 4.

Voorwaarden pgb

Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Doesburg 2021

1.. Het pgb wordt uitsluitend besteed aan het doel waarvoor het is verstrekt en de daarmee samenhangende kosten. De met het pgb ingekochte voorziening dient van voldoende kwaliteit te zijn. 2.. Het hulpmiddel, aanpassing van een hulpmiddel, dan wel woningaanpassing, of de dienst die de cliënt inkoopt met het pgb dient adequaat, veilig, cliëntgericht en kwalitatief verantwoord te zijn. 3.. De cliënt levert vóór verstrekking van het pgb, maar na bepaling van de noodzaak voor een hulpmiddel dan wel aanpassing dan wel dienst, een plan over hoe het pgb besteed gaat worden waarin omschreven staat: de reden waarom een hulpmiddel, aanpassing of dienst in natura niet geschikt geacht wordt; het soort hulpmiddel, de aanpassing of dienst die ingekocht gaat worden; welke persoon of personen de ondersteuning gaan uitvoeren dan wel waar het hulpmiddel of de aanpassing gekocht wordt; welk resultaat met het hulpmiddel, de aanpassing of de dienst moet worden behaald en op welke wijze; hoe de kwaliteit van het hulpmiddel, de aanpassing of de dienst is gewaarborgd; het tarief dat betaald moet worden aan de leverancier. 4.. Wanneer de cliënt de pgb voor informele hulp wil inzetten, dient hij in het plan over hoe het pgb besteed gaat worden voldoende te motiveren dat dit tot betere en efficiëntere ondersteuning leidt en doelmatiger is dan het betrekken van formele hulp. Daarbij gaat de cliënt in op: de frequentie van de hulp; het type hulp; de aard van de hulpvraag waaraan met de verstrekking van het pgb tegemoet wordt gekomen; de duur van die hulpvraag; de mate van verplichting die voortvloeit uit het pgb en de daaraan verbonden voorwaarden voor de persoon van wie de hulp betrokken wordt. 5.. Een pgb dient door de cliënt binnen drie maanden na toekenning te worden aangewend ten behoeve van het resultaat waarvoor het is verstrekt. 6.. Als, in het geval van een pgb voor een bouwkundige woningaanpassing in of aan een woonruimte, een cliënt niet zelf de eigenaar van de woning is, wordt de eigenaar van de woning in de gelegenheid gesteld om zijn of haar mening over de aanpassing kenbaar te maken. De eigenaar wordt dan eveneens betrokken bij uitvoeringskwesties met betrekking tot de aanpassing. 7.. Bij een pgb voor een vervoersvoorziening wordt ten hoogste het maximale pgb van één persoon per gezin toegekend, voor zover toereikend, indien sprake is dat de vervoersbehoefte van gezinsleden geheel samenvalt. Bij gedeeltelijk samenvallen van de vervoersbehoefte in een gezin, wordt ten hoogste anderhalf maal het maximale pgb van één persoon toegekend.

Rechtspraak bij dit artikel