Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7 › Paragraaf 7.1

Artikel 7.1.1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Subsidieregelingen 2022 gemeente Súdwest-Fryslân

Beschermd stads- en dorpsgezicht (hierna BSD): verschillende bouwwerken bij elkaar die belangrijk zijn vanwege hun schoonheid, ligging of hun wetenschappelijke / cultuurhistorische waarde. Het kan een rijks- of gemeentelijk BSD zijn. Bouwhistorisch onderzoek: een rapport waarin de bouwgeschiedenis en de bouwhistorische waarden van een monument staan, uitgevoerd door een bouwhistoricus, volgens de Richtlijnen bouwhistorisch onderzoek, (uitgave 2009 door L. Hendriks en J. van der Hoeve);. Bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct hetzij indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren; Cascoherstel: herstelwerkzaamheden en/of het repareren van de dragende onderdelen en het omhulsel, bestaande uit dak, kappen met spantconstructies, balklagen en vloeren, dragende muren met wandopeningen, funderingen, kelders en gewelven. Tot het casco wordt ook gerekend het binnenpleisterwerk van de muren die er deel van uitmaken, alsmede de buitenafwerking, de kozijnen, ramen en deuren; Dijklichaam: een door mensen aangelegde waterkering, die het achterliggende land beschermde tegen overstromingen. Gemeentelijke monumenten: monumenten die in de gemeentelijke monumentenlijst van de Erfgoedverordening staan. Groot onderhoud: werkzaamheden die groter zijn dan normaal onderhoud, zoals reparatie / herstel / deels vervangen (>20%) van onderdelen, zoals: goten, zinkwerk; kozijnen, ramen; waardevolle en bijzondere schouwen, plafonds en vloeren etc. (interieuronderdelen); windveren, boeidelen, etc.; dakbedekking, panlatten, tengels, dakhout; voegwerk en schilderwerk. Inspecties: een bouwkundige inspectie door de Monumentenwacht Fryslân of een vergelijkbare onafhankelijke organisatie waarbij een rapport wordt gemaakt over de kwaliteit van het onderhoud van het bouwwerk. Instandhouding: werkzaamheden die bijdragen de molen, of een zelfstandig onderdeel daarvan, in stand te houden. Karakteristieke panden 1: bouwwerken die volgens het bestemmingsplan van de gemeente het meest waardevol zijn; Karakteristieke panden 2: bouwwerken die volgens het bestemmingsplan van de gemeente waardevol zijn. Dit zijn tevens bouwwerken die in oudere bestemmingsplannen de aanduiding ‘karakteristiek’ hebben. Kerken: historische gebouwen ouder dan 50 jaar die voornamelijk als gebedshuis zijn opgericht: zonder status als gemeentelijk monument of rijksmonument; met de status 'vanwege rijksmonument'. Kleine initiatieven: terugbrengen of herstellen van onderdelen in een BSD die de beleving van de geschiedenis groter maken. Denk aan oude stoepen, uithangborden, muurschilderingen, hijsbalken, gevelindelingen, etc. Het dient gebaseerd te zijn op historische gegevens. Molens: molens die rijksmonument zijn. Normaal onderhoud: het gebruikelijke onderhoud van een bouwwerk zoals: schoonmaken houtwerk gevels en schilderwerk; deels vervangen (≤ 20%) van goten, zinkwerk, kozijnen, ramen; windveren, boeidelen, dakbedekking, panlatten, tengels, dakhout en voegwerk. Rijksmonumenten: monumenten die in het rijksmonumentenregister van de Erfgoedwet staan. Unieke objecten: zeldzame objecten/bouwwerken die volgens het college van grote culturele erfgoedwaarde zijn.

Rechtspraak bij dit artikel