Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.12

Toepassen van grond vanuit de rijkswegen, provinciale wegen, spoorwegen, grotere doorgaande wegen in beheer van de gemeente en wegen in het buitengebied (inclusief de onverharde bermen)

Onderdeel van Nota bodembeheer gemeente Tilburg

Voor het toepassen van grond vanuit rijkswegen, provinciale wegen, spoorwegen, grotere doorgaande wegen in beheer van de gemeente en wegen in het buitengebied (inclusief de onverharde bermen) én de grond direct onder de funderingslaag van wegen is de ontgravingskaart van de bodemkwaliteitskaart niet geldig en moet altijd worden gekeurd (zie § 7.2.1). Afhankelijk van de keuringsresultaten kan de grond worden toegepast. Uitzondering op het bovenstaande beleid is het hergebruik van grond van rijkswegen, provinciale wegen, spoorwegen, grotere doorgaande wegen in beheer van de gemeente en wegen in het buitengebied (inclusief de onverharde bermen en de grond direct onder de funderingslaag van wegen) uit het bodembeheergebied en onder dezelfde omstandigheden12Bermgrond van rijkswegen wordt toegepast in de berm van een rijksweg, bermgrond van provinciale wegen wordt toegepast in de berm van een provinciale weg, bermgrond van een spoorweg wordt toegepast in de berm van een spoorweg, bermgrond van een grote doorgaande weg in beheer van de gemeente wordt toegepast in de berm van een grote doorgaande weg in beheer van de gemeente, bermgrond van een weg in het buitengebied wordt toegepast in de berm van een weg in het buitengebied én grond direct onder de funderingslaag van een weg wordt toegepast als grond direct onder de funderingslaag van een weg. wordt hergebruikt. In die situatie kan worden volstaan met een bodemonderzoek (zie § 7.2.1). Afhankelijk van de analyseresultaten kan de grond worden toegepast: Als alle analyseresultaten voldoen aan de kwaliteitsklasse ‘Industrie’ of beter, dan mag de grond onder dezelfde omstandigheden worden hergebruikt. Als één of meerdere gehalten de Maximale Waarden voor ‘Industrie’ overschrijden, maar de interventiewaarde wordt niet overschreden, dan moet de grond worden getransporteerd naar een erkend verwerker. Als één of meer gehalten de interventiewaarde van de Wet bodembescherming overschrijdt, mag de grond niet worden toegepast en moet het spoor van de Wet bodembescherming worden gevolgd. Door deze toetsregels wordt voorkomen dat gebiedseigen grond (zie § 4.2) met gehalten boven de vastgestelde Lokale Maximale Waarde tóch in de gemeente wordt toegepast. Door het uitvoeren van partijkeuringen of in bepaalde situaties een bodemonderzoek, en het stellen van maximale waarden, wordt voorkomen dat sterk verontreinigde grond (opnieuw) binnen de gemeente wordt toegepast. Voor de gemeente is dit een aanpassing van het tot nu toe gevoerde beleid.

Rechtspraak bij dit artikel