Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7

Artikel 7.2

Onderzoek toe te passen grond en ontvangende bodem

Onderdeel van Nota bodembeheer gemeente Tilburg

De kwaliteit van de grond en baggerspecie moet worden aangetoond met een milieuhygiënische verklaring. Het Besluit kent voor grond en baggerspecie de volgende typen milieuhygiënische verklaringen: Partijkeuring. Erkende kwaliteitsverklaring. Fabrikant-eigenverklaring. (Water)bodemonderzoek. (Water)bodemkwaliteitskaart. In artikel 4.3 van Regeling is nader ingegaan op deze typen milieuhygiënische verklaringen. 7.2.1Toe te passen grond De toe te passen grond moet worden gekeurd als deze grond: ontgraven gaat worden uit een zone waarvan de te verwachten ontgravingskwaliteit een mindere kwaliteit heeft dan de toepassingseis van de ontvangende bodem; afkomstig is van een uitgesloten gebied van de eigen of geaccepteerde bodemkwaliteitskaart (zie § 4.2 en § 4.14.1; gespecificeerd in hoofdstuk 4 van bijlage 3A). afkomstig is van gebieden waarvan de gemeente de bodemkwaliteitskaart niet heeft geaccepteerd (zie § 4.2 en § 4.11); wordt toegepast op plaatsen waar kinderen spelen en moes-/volkstuin(complex)en (zie § 4.3.2); afkomstig is uit een tijdelijke opslag en niet aan voorwaarden voldaan kan worden zoals deze in § 4.8 zijn beschreven; afkomstig is van oude categorie-1 werken (zie § 4.14.1); De partijkeuring moet plaatsvinden conform de BRL SIKB protocol 1001[20] of de NEN 5740 en door een daarvoor gecertificeerd bedrijf dat een ministeriële erkenning heeft. Het bodemonderzoek moet zijn uitgevoerd door een voor de BRL SIKB protocol 2001 gecertificeerd bedrijf/persoon dat een ministeriële erkenning heeft. Als de grond onderzocht wordt op asbest moet het bodemonderzoek ook zijn uitgevoerd door een voor de BRL SIKB protocol 2018[21] gecertificeerd bedrijf/persoon dat een ministeriële erkenning heeft. Onderzoek bij toepassing van grond vanuit rijkswegen, provinciale wegen, spoorwegen, grotere doorgaande wegen in beheer van de gemeente en wegen in het buitengebied (inclusief de onverharde bermen) én de grond direct onder de funderingslaag van wegen Als grond vanuit rijkswegen, provinciale wegen, spoorwegen, grotere doorgaande wegen in beheer van de gemeente en wegen in het buitengebied (inclusief de onverharde bermen) én de grond direct onder de funderingslaag van wegen uit het bodembeheergebied onder dezelfde omstandigheden16 Bermgrond van rijkswegen wordt toegepast in de berm van een rijksweg, bermgrond van provinciale wegen wordt toegepast in de berm van een provinciale weg, bermgrond van een spoorweg wordt toegepast in de berm van een spoorweg, bermgrond van een grote doorgaande weg in beheer van de gemeente wordt toegepast in de berm van een grote doorgaande weg in beheer van de gemeente, bermgrond van een weg in het buitengebied wordt toegepast in de berm van een weg in het buitengebied én grond direct onder de funderingslaag van een weg wordt toegepast als grond direct onder de funderingslaag van een weg. wordt hergebruikt, kan worden volstaan met een indicatief bodemonderzoek. Het indicatieve onderzoek moet worden uitgevoerd conform de NEN 5740, strategie VED-HE-L, of de CROW 400[22]. Het onderzoek moet zijn uitgevoerd door voor de BRL SIKB protocol 2001 gecertificeerd bedrijf/persoon dat een ministeriële erkenning heeft. Voor het onderzoek hoeft alleen de te ontgraven bodemlaag te worden onderzocht; onderzoek van de bodemlaag dieper dan de ontgravingsdiepte en het grondwater is niet nodig. Ten aanzien de eventueel te onderscheiden partijen grond in de onverharde wegbermen sluit de gemeente aan bij de nadere toelichting hierover in het BRL SIKB protocol 1001. In § 4.12 is aangegeven hoe de resultaten moeten worden geïnterpreteerd. 7.2.2Ontvangende bodem De kwaliteit van de ontvangende bodem moet worden onderzocht als de toepassingslocatie is gelegen in een uitgesloten van de bodemkwaliteitskaart (zie hoofdstuk 4 van bijlage 3A). Om de kwaliteit van de ontvangende bodem vast te stellen moet een gepaste onderzoeksstrategie uit de NEN 5740 worden gebruikt zoals genoemd in artikel 4.3.4 lid 1 van de Regeling. Alleen de bodemlaag waarop de grond wordt toegepast moet worden onderzocht. Het onderzoek moet zijn uitgevoerd door voor de BRL SIKB protocol 2001 gecertificeerd bedrijf/persoon dat een ministeriële erkenning heeft.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel