Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.1

Artikel 2.1.1

Bestuurderskaart

Onderdeel van Beleidsregels parkeerfaciliteiten gehandicapten gemeente Diemen 2021

Voor een bestuurderskaart komt bestuurder in aanmerking die ten gevolge van een aandoening of gebrek: een aantoonbare loopbeperking hebben van langdurige aard, waardoor zij - met de gebruikelijke loophulpmiddelen - in redelijkheid niet in staat zijn zelfstandig een afstand van meer dan 100 meter aan een stuk te voet te overbruggen (artikel 1.1a regeling gehandicaptenparkeerkaart). Onder 'van langdurige aard' moet men verstaan: ten minste zes maanden, waar het tijdsbeslag van de afhandelingsprocedure nog moet worden bijgeteld; of permanent rolstoelgebonden zijn (artikel 1.1c regeling gehandicaptenkaart); of een ernstige beperking hebben, niet zijnde een loopbeperking (artikel 1.1d regeling gehandicaptenparkeerkaart). Deze kan door middel van medisch onderzoek worden bepaald; beschikken over een geldig bromfietscertificaat of een geldig rijbewijs afhankelijk voor welk soort voertuig de bestuurderskaart wordt aangevraagd. Naast de bovengenoemde voorwaarden dient er een medisch onderzoek plaats te vinden waaruit naar voren moet komen dat de aanvrager op medische gronden een gehandicaptenparkeerkaart nodig heeft.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel