Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.5

Uitgangspunten Regionaal Plan een (Basis)Vaardige Regio Midden Holland 2020-2024

Onderdeel van Regioplan Bevordering Basisvaardigheden regio Midden Holland “Een (basis)vaardige regio” 2020-2024

Uitgangspunten van het Regionale Plan Een (Basis)Vaardige Regio 2020-2024 zijn: Laaggeletterdheid is een breed maatschappelijk thema en raakt verschillende maatschappelijke domeinen. De aanpak van laaggeletterdheid is een middel tot maatschappelijke participatie, zelfredzaamheid en preventie. Het brede (taal)netwerk in de regio Midden Holland (gemeenten, educatie, welzijn, zorg, onderwijs en het bedrijfsleven) geeft uitvoering aan voornoemde ambities en doelstellingen. Alle partijen binnen het (taal)netwerk hebben een wettelijke taak/verantwoordelijkheid en/of hebben er belang bij om vanuit eigen beleid te investeren in het voorkomen en/of bestrijden van laaggeletterdheid. De aanpak dient daarom zoveel mogelijk verankerd te zijn in het reguliere beleid en in de uitvoering van de partners in het netwerk of binnen bestaande of nieuwe samenwerkingsverbanden tussen de partners. Gemeenten hebben bij de regionale aanpak van laaggeletterdheid naast de regierol ook een voorbeeldfunctie. De voorbeeldrol uit zich in het gebruik van direct duidelijke en begrijpelijke taal (niveau B1) in de communicatie met de burger en in de signalerende en doorverwijzende functie bij laaggeletterdheid binnen het Sociaal Domein en in de dienstverlening aan de gemeentelijke balies en loketten. Deze voorbeeldfunctie is een belangrijke voorwaarde om partners aan te sporen actie te ondernemen bij het voorkomen en bestrijden van laaggeletterdheid. Voor het bereiken van NT1-ers ligt de focus op de vindplaatsen van de NT1-doelgroep bij werkgevers, UWV, scholen, welzijnsorganisaties en gemeenten. Door stevig in te zetten op onder andere preventie zal de problematiek met betrekking tot laaggeletterdheid op termijn opgelost zijn. Voor preventie en een effectieve aanpak van laaggeletterdheid worden nieuwe structurele verbindingen en samenwerkingsstructuren gerealiseerd tussen netwerkpartners. Om de beoogde doelen te halen staat het bieden van maatwerk centraal in de aanpak laaggeletterdheid. Formeel en non-formeel aanbod sluiten zoveel mogelijk aan op de leermotieven, de leervraag en de leerbehoeften van de doelgroep. Er wordt uitgegaan van de leermotivatie van NT1-ers (zie bijlage 9. Leermotieven NT1-leerders). NT1-ers hanteren, ondanks de ervaren drempels zoals schaamte en taboe, vaak specifieke motieven om toch weer de stap te zetten naar het volgen van een educatief traject, het traject vol te houden en te voltooien. Deze motieven zijn negatief of positief geïnspireerd. Zo kunnen ouders met schoolgaande kinderen gemotiveerd zijn een educatief traject te volgen omdat zij hun kind willen begeleiden en stimuleren met schoolwerk, terwijl werknemers met lage taalvaardigheid een taaltraject kunnen gaan volgen omdat de werkgever dat eist. Gemeenten en partners kunnen leermotieven inzetten (bijv. bij een intakegesprek) om NT1-ers te bewegen naar een educatief traject. Om de effectiviteit van de aanpak laaggeletterdheid te vergroten wordt een verbinding binnen het Sociaal Domein gelegd tussen de WEB en het nieuwe inburgeringsbeleid (WIB).

Rechtspraak bij dit artikel