In een aantal situaties wordt na onderzoek geen maatwerkvoorziening geboden, omdat er in die situaties sprake is van een dusdanig bijzondere woonsituatie dat die niet valt onder de ondersteuning in het kader van de Wmo.
Hoofdverblijf
Het hoofdverblijf is de woonruimte, bestemd en geschikt voor permanente bewoning, waar de persoon met beperkingen zijn vaste woon- en verblijfplaats heeft en
in de gemeentelijke basisadministratie staat ingeschreven, of;
zal staan ingeschreven, of;
het feitelijke woonadres als de persoon met beperkingen met een briefadres is ingeschreven.
De gemeente waar de woning staat, dient ondersteuning te bieden, behalve in de situatie waarin de persoon uit de Wmo-doelgroep verhuist van de ene gemeente naar een andere gemeente. Een aanvraag voor een maatwerk-woonvoorziening in de vorm van een verhuizing en (her) inrichting, wanneer dit niet anderszins kan worden opgelost, behoort tot de ondersteuning van de vertrekgemeente.
Twee hoofdverblijven
Bij uitzondering kan er sprake zijn van twee hoofdverblijven. Daarbij moet worden gedacht aan gehandicapte kinderen van gescheiden ouders, die in co-ouderschap door beide ouders worden opgevoed en daadwerkelijk de ene helft van de tijd bij de ene ouder wonen en de andere helft van de tijd bij de andere ouder. Alleen in die situatie kunnen in beide ouderlijke woningen maatwerkwoonvoorzieningen getroffen worden, niet in situaties waarin sprake is van bezoekregelingen. Bovendien mag van ouders verwacht worden dat zij voorzieningen die gedeeld kunnen worden, ook daadwerkelijk delen, denk aan roerende voorzieningen, zoals een inklapbare tillift.
Woning ongeschikt voor hele jaar bewoning
Het college biedt geen maatwerk-woonvoorziening wanneer sprake is van een dusdanig bijzondere woonsituatie dat die niet valt onder de ondersteuning in het kader van de Wmo. Hier gaat het om woonsituaties die niet bestaan uit een permanent zelfstandig woonverblijf, zoals hotels en pensions, kamerverhuur en tweede woningen.
Aard van de gebruikte materialen & achterstallig onderhoud
Een maatwerk-woonvoorziening wordt niet verstrekt als de belemmeringen het gevolg zijn van de aard van de gebruikte materialen. Ook als de belemmeringen voortkomen uit achterstallig onderhoud van de woning of het gevolg zijn van de omstandigheid dat de woning niet voldoet aan de daaromtrent geldende wettelijke eisen, kan niet worden overgegaan tot ondersteuning in de vorm van een maatwerkvoorziening (ECLI:NL:CRVB:2003:AM5445).
Hierop wordt een uitzondering gemaakt als de cliënt goede pogingen heeft ondernomen om de gebreken door de woningeigenaar te doen wegnemen en met oog op de gezondheidstoestand van de cliënt binnen redelijkerwijs aanvaardbaar tijdbestek geen uitzicht was op opheffing van die gebreken (CRvB 03-07-2013, nr. 11/4346 WMO).
Aanpassingen aan algemene ruimten
Een maatwerk-woonvoorziening in algemene ruimten wordt geweigerd behalve als het gaat om:
het verbreden van toegangsdeuren;
het aanbrengen van elektrische deuropeners;
de aanleg van een hellingbaan van de openbare weg naar de toegang tot de woning;
drempelhulpen en vlonders voor zover die niet algemeen gebruikelijk zijn;
een opstelplaats voor een rolstoel of een vervoersvoorziening bij de toegangsdeur van het woongebouw.
Naar het oordeel van de CRvB is bovenstaande in het algemeen niet in strijd met de ondersteuning die de gemeente moet bieden (ECLI:NL:CRVB:2011:BU4344), maar andersoortige ondersteuning is nog wel noodzakelijk. Het college kan dan bijvoorbeeld in plaats van een voorziening in de gemeenschappelijke ruimte, een voorziening gericht op verhuizen & (her) inrichten bieden.
Uitgesloten woonruimten
Een maatwerk-woonvoorziening wordt niet getroffen in specifiek op gehandicapten en ouderen gerichte woongebouwen. Dit geldt dan voor voorzieningen:
in algemene ruimten; of
voorzieningen die zonder noemenswaardige meerkosten kunnen worden meegenomen bij:
(nieuw)bouw;
verbouw; of
renovatie.
Een voorziening in een specifiek voor gehandicapten of ouderen bedoeld gebouw is in principe algemeen gebruikelijk:
Op grond van wettelijke voorschriften
Algemeen aanvaarde regels of contractuele bepalingen (bijvoorbeeld Bouwbesluit en labeling doelgroepwoningen)
Doelgroepenwoning
Doelgroepenwoningen zijn woningen of een zelfstandig deel van een woning waar service wordt verleend en die qua inrichting specifiek is gebouwd voor een bepaalde doelgroep. Denk hierbij aan:
Serviceflats
Aanleunwoningen, vaak aan/in of nabij een verzorgingshuis, niet zijnde een Wlz-woning
ADL-woningen; levensloopbestendig, zogenaamde ‘MIVA’-woningen (mindervalidewoning), in ieder geval rolstoel toe- en doorgankelijke woningen en dus als zodanig aangemerkt. Een ADL-woning is via een alarm-intercomsysteem direct verbonden met een hulppost: de ADL-eenheid in de buurt.
Fokus-woningen. Dit zijn volledig aangepaste, gelijkvloerse woningen. De Fokuswoningen liggen verspreid in een woonwijk of appartementengebouw en zijn van buiten niet als Fokuswoning herkenbaar. De woning wordt gehuurd van een woningcorporatie en Fokus verleent ADL-assistentie op afroep en aanwijzing.
Wlz-instellingen: verzorgingshuis, verpleeghuis, gezinsvervangend tehuis
De verschillende termen voor doelgroepenwoningen worden door elkaar gebruikt. Het gaat er uiteindelijk om welk ‘label’ aan een betreffend gebouw wordt toegekend. Veelal zijn senioren- of 55+-woningen zonder service labeling) geen doelgroepenwoningen. Dit zijn woningen die zich richten op een specifieke groep bewoners, maar geen specifieke faciliteiten (service) bieden. Het is dus van belang goed na te gaan hoe het woongebouw ‘bekend staat’ bij de woningeigenaar.
Onderverdeling doelgroepenwoning
In onderstaande tabellen staat weergegeven hoe de doelgroepenwoningen te definiëren, te weten rollator- of rolstoelgeschikt en welke specifieke kenmerken hiertoe behoren.
Verdeling type woning naar rollator- en rolstoelgeschiktheid:
Type woning
Rollator-geschikt
Rolstoel-geschikt
Serviceflat
X
Aanleunwoningen
X
ADL-woningen
X
Specificaties rollator-rolstoelgeschiktheid, per aanpassing/voorziening:
Basis-uitrustingsniveau voor doelgroepwoningen
Rollator-geschikt
Rplstoel-geschikt
Gelijkvloerse woning of alle ADL functies wonen, koken, slapen, wassen, op één verdieping
X
X
Woning op begane grond of bereikbaar met lift
X
X
Toegangspad tot wooncomplex geschikt met rollator, dus geen hoge drempels en losse tegels, etc.
X
X
Toegangspad tot wooncomplex en woning min. 1.20 m breed met een maximale helling van 1:12
X
Alle deuren in het wooncomplex zijn met een rollator doorgankelijk, wat ook betekent elektrische deuropeners
X
X
Alle gemeenschappelijke deuren en voordeuren van de woning hebben een minimale dagmaat van 85 cm.
X
X
Alle deuren in de woning zijn doorgankelijk met een rollator (ongeveer 80 cm. dagmaat)
X
X
Alle deuren in de woning hebben een minimale dagmaat van 85 cm.
X
Voldoende manoeuvreerruimte voor een rollator, zowel in de algemene ruimte als in de keuken, toilet, natte cel, slaapkamer.
X
X
Voldoende manoeuvreerruimte voor een rolstoel, zowel in de algemene ruimte als in de keuken, toilet, natte cel en slaapkamer.
X
Geen niveauverschillen van meer dan 2 cm. in/om de woning, dus ook niet om de buitenruimtes te betreden (zoals balkon en tuin).
X
X
Vlakke douchevloer aanwezig (evt. naast bad)
X
X
Bedieningselementen (zoals doorspoelsysteem toilet, kranen, lichtschakelaars) bereikbaar vanuit rolstoel
X
Er dient een bergingsruimte aanwezig te zijn, incl. geaarde wandcontactdoos, geschikt voor het stallen van een elektrische rolstoel/ scootmobiel
X
Maatwerkvoorzieningen om te komen tot beschreven basisuitrustingsniveau worden niet verstrekt. Er wordt verwacht dat de woningen in deze complexen bruikbaar zijn voor deze doelgroepen en deze voorzieningen dus aanwezig.
HOOFDSTUK 7. › Paragraaf 7.1.
Artikel 7.1.1.
Weigeringsgronden woonvoorzieningen
Onderdeel van Beleidsregels Wet maatschappelijke ondersteuning Rijswijk 2022