Naar hoofdinhoud

Artikel 3

- Vrijstellingen

Onderdeel van Hollands Kroon verordening toeristenbelasting 2022

De belasting wordt niet geheven voor het verblijf: van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen . van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers. van degene die verblijf houdt in een gemeubileerde woning voor welk verblijf forensenbelasting is verschuldigd; Van degene, beneden de leeftijd van 15 jaar, die om sociaal-medische reden verblijf houden alsmede hun begeleiders. door degene die verblijf houden aan boord van: een vaartuig dat is ingericht en wordt gebruikt tot verpleging of verzorging van zieken, van gebrekkigen en hulpbehoevenden of van ouden van dagen; kano’s, roei- en volgboten; motor- en zeilboten met een lengte van ten hoogste 4 meter; een vaartuig dat zich op last of bevel van de overheid in het gemeentelijk watergebied bevindt; Als het verblijf een schoolreis en/of werkweek betreft, georganiseerd door een van overheidswege erkende onderwijsinstelling; 7. van degene die werkzaam is binnen het grondgebied van de gemeente Hollands Kroon.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel