**1..** De inwoner maakt een plan voor de besteding van het pgb. Dit is het pgbplan. Hierin staat welke hulp-op-maat de inwoner met het pgb wil betalen en door wie de hulp-op-maat wordt gegeven. De gemeente moet het plan goedkeuren en zal daarna het pgb vaststellen.
**2..** De gemeente baseert de hoogte van het pgb, indien dit wordt uitgevoerd door een professionele leverancier, op basis van de laagste kostprijs wanneer de dienst of product in natura zou zijn verstrekt. De gemeente vergoedt geen meerprijs.
**3..** Gaat het om een product, dan houdt de gemeente bij de hoogte van het pgb rekening met een reële termijn voor de technische afschrijving en met de onderhouds en verzekeringskosten.
**4..** Als hulp-op-maat in de vorm van individuele begeleiding wordt gegeven door een zelfstandige zonder personeel (ZZP) of een daartoe opgeleid persoon die niet verbonden is aan een leverancier, wordt op basis van 80% van het laagste toepasselijke tarief per uur of resultaat dat hiervoor zou worden gehanteerd door een door de gemeente gecontracteerde leverancier.
**5..** Als hulp-op-maat in de vorm van groepsbegeleiding en dagbesteding wordt gegeven door een zelfstandige zonder personeel (ZZP) of een daartoe opgeleid persoon die niet verbonden is aan een leverancier, wordt op basis van 80% van het laagste toepasselijke tarief per dagdeel dat hiervoor zou worden gehanteerd door een door de gemeente gecontracteerde leverancier.
**6..** Als hulp-op-maat in de vorm van huishoudelijk hulp wordt gegeven door een zelfstandige zonder personeel (ZZP) of een daartoe opgeleid persoon die niet verbonden is aan een leverancier, wordt op basis van 80% van het laagste toepasselijke tarief per uur dat hiervoor zou worden gehanteerd door een door de gemeente gecontracteerde leverancier.
**7..** Als hulp-op-maat in de vorm van kortdurend verblijf met laag intensieve ondersteuning uitgevoerd wordt door vrijwilligers met ondersteuning van een beroepskracht in dienst van een leverancier: op basis van het toepasselijke tarief per etmaal dat geldt bij door een door de gemeente gecontracteerde leverancier.
**8..** Als hulp-op-maat wordt gegeven door iemand uit het sociale netwerk, al dan niet professioneel, of door een niet-professionele hulp-op-maatverlener:
Huishoudelijke hulp-op-maat: 50% van het laagste toepasselijke tarief per uur dat hiervoor geldt bij door een door de gemeente gecontracteerde leverancier. Dit tarief mag niet lager zijn dan het wettelijk minimum uurloon voor iemand van 22 jaar of ouder inclusief vakantiebijslag bij een 36urige werkweek zoals vastgesteld voor het betreffende kalenderjaar.
Individuele begeleiding: 50% van het laagste toepasselijke tarief per uur of resultaat dat hiervoor geldt bij door een door de gemeente gecontracteerde leverancier. Dit tarief mag niet lager zijn dan het wettelijk minimum uurloon voor iemand van 22 jaar of ouder inclusief vakantiebijslag bij een 36urige werkweek zoals vastgesteld voor het betreffende kalenderjaar.
Groepsbegeleiding en dagbesteding: 50% van het laagste toepasselijke tarief per dagdeel dat hiervoor geldt bij door een door de gemeente gecontracteerde leverancier. Dit tarief mag niet lager zijn dan het wettelijk minimum uurloon voor iemand van 22 jaar of ouder inclusief vakantiebijslag bij een 36urige werkweek zoals vastgesteld voor het betreffende kalenderjaar;
Kortdurend verblijf: met laag intensieve ondersteuning uitgevoerd door iemand uit het sociale netwerk voor een symbolische vergoeding van maximaal € 141 per kalendermaand.
Logeren: de door de jeugdige of de ouders aangegeven werkelijke kosten, met een maximaal bedrag van € 33,00 per etmaal.
Vervoer naar leverancier: gebaseerd op de door de inwoner aangegeven werkelijke kosten maar maximaal de kostprijs die de gemeente aan de leverancier betaalt voor de in de die situatie goedkoopst passende, in de gemeente beschikbare voorziening in natura. Voor overig vervoer wordt maximaal €0,19 per kilometer vergoed.
**9..** De hoogte van het pgb voor vervoer bedraagt de kilometerprijs die de gemeente betaalt voor het collectief vervoer, waarbij het uitgangspunt geldt dat 1.500 kilometer op jaarbasis binnen de eigen leef- en woonomgeving moet kunnen worden gereisd. Er dient verantwoording te worden afgelegd voor het daadwerkelijk reizen van de kilometers. Het college stelt in nadere regels vast hoe deze verantwoording dient plaats te vinden.
Hoofdstuk 5. › Paragraaf 5.2
Artikel 5.2.2.
Hoogte en tarief pgb (Jeugdwet/Wmo)
Onderdeel van Verordening Jeugdhulp en Wmo 2022 Gemeente Geldrop-Mierlo