Het bepaalde in dit hoofdstuk is van toepassing in de gemeente Purmerend.
Het is verboden om alle zelfstandige huurwoningen met een rekenhuur tot de liberalisatiegrens zonder vergunning van Burgemeester en wethouders, anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor of praktijkruimte door de eigenaar, aan de bestemming tot bewoning te onttrekken als bedoeld in artikel 21, onder a, van de wet.
Het is verboden om alle zelfstandige huurwoningen met een rekenhuur tot de liberalisatiegrens zonder vergunning van Burgemeester en wethouders, anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor of praktijkruimte door de eigenaar, met andere woonruimte samen te voegen of samengevoegd te houden als bedoeld in artikel 21, onder b, van de wet.
Het is verboden om alle woonruimten in de gemeente Purmerend zonder vergunning van Burgemeester en wethouders van zelfstandige in onzelfstandige woonruimten om te zetten of omgezet te houden als bedoeld in artikel 21, onder c, van de wet.
Het is verboden om alle woonruimten in de gemeente Purmerend zonder vergunning van Burgemeester en wethouders te verbouwen tot twee of meer woonruimten of in die verbouwde staat te houden als bedoeld in artikel 21, onder d, van de wet.
Dit hoofdstuk is niet van toepassing op woonruimte in eigendom van de corporaties.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 1
Artikel 3.1.1
Aanwijzing vergunningplichtige woonruimte
Onderdeel van Huisvestingsverordening Purmerend 2021