Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 13

Artikel 13.2

Herziening of intrekking

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Noordoostpolder 2022

1.. Onverminderd artikel 2.3.8 van de wet doet een cliënt aan het college desgevraagd of onverwijld uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot een heroverweging van de beslissing als bedoeld in artikel 2.3.5 of 2.3.6 van de wet of het recht op een tegemoetkoming als bedoeld in hoofdstuk 11 van deze verordening. 2.. Het college kan onder toepassing van het eerste lid een besluit tot toekenning van een tegemoetkoming als bedoeld in hoofdstuk 11 herzien of intrekken als achteraf blijkt dat onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zouden hebben geleid. 3.. Het college kan een besluit als bedoeld in het eerste lid herzien of intrekken als blijkt dat de cliënt niet of onvoldoende heeft voldaan aan de verplichtingen genoemd in de wet of die bij of krachtens deze verordening van toepassing zijn waaronder inbegrepen het niet nakomen van de verplichtingen die rechtstreeks voortvloeien uit het persoonsgebonden budget, de bruikleenovereenkomst, huurovereenkomst of dienstverleningsovereenkomst. 4.. Het college kan een pgb-besluit herzien of intrekken als daar, met betrekking tot de derde, op grond van het bepaalde in hoofdstuk 12 van de verordening aanleiding voor is. 5.. Het college bepaalt op welke datum de beslissing als bedoeld in het tweede lid in werking treedt en besluit tevens of wordt overgaan tot terugvordering op grond van de wet en/of artikel 13.3 of 13.4 van de verordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel