Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Wijze van heffing entermijnen van betaling

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelastingen Ouder-Amstel 2016

1). De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte, en wel door middel van het, bij aanvang van het parkeren, op de door het college van burgemeester en wethouders voorgeschreven wijze betalen van geld met behulp van parkeerapparatuur en/of door middel van het al dan niet elektronisch in werking stellen van parkeerapparatuur. Van de verschuldigde belasting per tijdseenheid wordt op of via de parkeerapparatuur of in de daarbij geleverde gebruiksaanwijzing kennis gegeven. 2). De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend. 3). Een naheffingsaanslag moet, inclusief de kosten van de naheffingsaanslag zoals bedoeld in artikel 10, en voor zover van toepassing verhoogd met de andere kosten zoals bedoeld in artikel 10, terstond worden betaald. 4). Indien de belastingplicht met betrekking tot de belasting, bedoeld in art. 1, onder deel b, in de loop van vergunningperiode eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing over zoveel volle kalendermaanden als er in die periode na het tijdstip van de beëindiging van de belastingplicht nog resteren. De Parkeerverordening Ouder-Amstel 2014 geeft de voorwaarden bij de beëindiging van de vergunning.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel