** 1. .** Het is verboden de bodem te verstoren in een archeologisch monument of een gebied waar archeologische vondsten worden verwacht als in het daar geldende bestemmingsplan niet is voldaan aan artikel 3.1.6, vijfde lid Besluit ruimtelijke ordening, tenzij:
voor de activiteit een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, eerste of tweede lid Wabo is verleend;
het de verstoring betreft van een archeologisch monument of verwachtingsgebied dat is aangegeven op de provinciale archeologische monumentenkaart of de landelijke indicatieve kaart van archeologische waarden en het verrichten van de activiteiten geen strijd oplevert met door het college vastgestelde regels over de toegestane mate van verstoring;
de activiteit plaatsvindt op basis van een deugdelijke beschrijving van de wijze waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening wordt gehouden en onevenredige schade voor archeologische waarden wordt voorkomen, of
met een vooronderzoek is aangetoond dat geen archeologische waarden aanwezig zijn.
** 2. .** Bij elk archeologisch vooronderzoek wordt amateurarcheologen de gelegenheid geboden te reageren en waar mogelijk ook bij vervolgonderzoek deel te nemen aan archeologisch veldwerk onder voorwaarde dat:
de deelname aan het veldwerk altijd onder toezicht en werkend volgens de aanwijzingen van een professioneel (gecertificeerd) archeoloog plaats vindt;
de amateurarcheologen tijdig, in ieder geval binnen een termijn van één maand, worden benaderd. Voor het veldonderzoek kan de termijn van informeren worden aangepast gelet op de omvang van de werkzaamheden.