Het voornemen van het college om een graf te ruimen wordt ten minste zes maanden en ten hoogste twaalf maanden voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf geruimd zal worden per brief aan de rechthebbende of, wanneer het een algemeen graf betreft, aan de belanghebbende bekend gemaakt. Wanneer het adres van de rechthebbende of belanghebbende niet bekend is, maakt het college het voornemen tot ruiming van het graf gedurende ten minste zes maanden en ten hoogste twaalf maanden voorafgaande aan het tijdstip van ruiming door middel van een bij het graf te plaatsen bordje en bij de ingang van de begraafplaats op het mededelingenbord bekend.
De beheerder draagt er zorg voor dat met de bij de ruiming van het graf nog aanwezige stoffelijke resten te allen tijde respectvol wordt omgegaan en dat bezoekers van de begraafplaats niet met stoffelijke resten worden geconfronteerd.
De bij de ruiming van het graf nog aanwezige stoffelijke resten worden herbegraven in een verzamelgraf en de as wordt verstrooid op een van de daartoe bestemde gedeelten van de begraafplaatsen.
Nabestaanden van een overledene die begraven is in een algemeen graf kunnen gedurende de in het eerste lid bedoelde termijn bij de burgemeester een aanvraag indienen om bij ruiming van stoffelijke resten, indien mogelijk, bijeen te doen brengen voor crematie of voor herbegraving elders.
De rechthebbende op een particulier graf kan bij de beheerder een aanvraag indienen om de stoffelijke resten te doen verzamelen om deze opnieuw in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om deze te cremeren of elders opnieuw te doen begraven. De rechthebbende op een particulier urnengraf of particuliere urnennis of particulieren urnenplaats of particuliere (sier) urn kan bij de beheerder een aanvraag indienen de asbus ter beschikking te houden om elders bij te zetten of om de as te doen verstrooien.
Hoofdstuk 6
Artikel 24
Ruiming, bezorging van overblijfselen en as
Onderdeel van Beheersverordening Gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Zwijndrecht 2021