Naar hoofdinhoud

Artikel 4

– maximering boete

Onderdeel van Beleidsregels Bestuurlijke boete Participatiewet, IOAW/IOAZ 2022

Voor benadelingsbedragen welke hoger zijn dan een en een derde (1⅓) van het maximale boete bedrag van de derde categorie geldboetes (artikel 23 vierde lid van het Wetboek van Strafrecht) geldt een maximering van de boete. De maximaal op te leggen boete bedraagt dan: 100% van de hoogte van de vijfde categorie geldboete bij opzet of voorwaardelijke opzet; 100% van de hoogte van de derde categorie geldboete bij grove schuld of grove onachtzaamheid; Twee derde (⅔) van de hoogte van de derde categorie geldboete bij normale verwijtbaarheid; Een derde (⅓) van de hoogte van de derde categorie boete bij verminderde verwijtbaarheid; Maximering boete Om 1⅓ (of 100/75e) te berekenen, deel je de maximale boete van de derde categorie (vanaf 1 januari 2020 is dit € 8.700,-) door 75 en vermenigvuldig je dit met 100. Dan krijgt je: 8.700/75*100=11.600. Is het benadelingsbedrag hoger dan dit bedrag, moet de boete conform gematigd worden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel