Het college hanteert als het gaat om bijzondere bijstand voor duurzame gebruiksgoederen de volgende regel:
Het college hanteert een lijst met noodzakelijke goederen die in beginsel in aanmerking komen voor vergoeding uit bijzondere bijstand. Voor wat betreft de hoogte van de bijzondere bijstand geldt dat het college:
voor de goederen uitgaat van het actuele prijsniveau van tweedehandsgoederen. Het bureauhoofd van het Bureau Inkomensondersteuning stelt jaarlijks per 1 januari de exacte hoogte van de vergoedingen vast. Per 1-1-2019 worden de vergoedingen gebaseerd op de prijstabel uit het collegebesluit ‘Aanpassing vergoedingen bijzondere bijstand inrichtingskosten’ (25-09-2018).
voor wasmachines, koelkasten, kookplaten, stofzuigers, matrassen, beddengoed en vloerbedekking 100% van de NIBUD-prijs hanteert, vanuit het oogpunt van respectievelijk duurzaamheid, hygiëne en maatwerk.
Bij de vervanging van duurzame gebruiksgoederen wordt uitgegaan van de volgende uitgangspunten:
Het college gaat ervan uit dat de gemiddelde leeftijd van duurzame gebruiksgoederen acht jaar bedraagt, ook als deze tweedehands worden aangeschaft. Binnen deze termijn is geen bijzondere bijstand mogelijk voor dezelfde soort duurzame gebruiksgoederen. In individuele gevallen is het mogelijk om bijzondere bijstand te verstrekken binnen acht jaar, als de noodzaak van de kosten voor vervanging niet verwijtbaar is. Bijzondere bijstand kan dan worden verstrekt voor reparatie of nieuwe aanschaf. Als het college tot het oordeel komt dat de noodzaak voor de kosten wel verwijtbaar is, dan kan in uitzonderlijk geval bijzondere bijstand worden verstrekt in de vorm van een lening wegens tekortschietend besef van verantwoordelijkheid.
Bijzondere bijstand bij Housing First van de GGD
Het college neemt aanvragen voor bijzondere bijstand van cliënten/klanten uit het traject Housing first van de GGD pas in behandeling na twee jaar nadat zij de woninginrichting in natura van de GGD, met een waarde van €2500,-,hebben ontvangen. De verstrekking in natura (middels subsidie) is in de plaats gekomen van de reguliere individuele bijzondere bijstand. De reguliere regels worden toegepast, met inachtneming van de al verstrekte wooninrichting.
Controle en verantwoording
Het college onderzoekt steekproefsgewijs de besteding van de bijzondere bijstand voor duurzame gebruiksgoederen. Aan rechthebbende wordt daartoe de verplichting opgelegd om de benodigde (objectief verifieerbare) bewijsstukken te bewaren gedurende de periode van twee jaar. Als 85% van het verstrekte bedrag genoegzaam verantwoord is, ziet het college af van verdere controle en eventuele terugvordering. Van genoegzame verantwoording is sprake als uit de bewijsstukken blijkt dat 85% van het verstrekte bedrag is besteed aan daadwerkelijke aanschaf van het product of de producten.
Indien minder dan 85% van het verstrekte bedrag verantwoord kan worden, wordt het totale bedrag (minus het verantwoorde deel) teruggevorderd. In dat geval kan men geen aanspraak maken op een bestedingsvrij deel.
GKB
Voor rechthebbenden die minder dan drie jaar voorafgaand aan de aanvraag een inkomen van 100% van de voor hen relevante inkomensgrens hebben gehad, is een lening van de Gemeentelijke Kredietbank een voorliggende voorziening. Voor de lening van de kredietbank kan een borgstelling worden verleend uit de bijzondere bijstand. Als er borgstelling plaatsvindt, valt de besteding van de lening voor wat betreft verantwoording onder voornoemd regime.
Als de lening van de kredietbank onvoldoende is voor de noodzakelijke kosten, is onder omstandigheden bijzondere bijstand in een lening ter aanvulling mogelijk.
Hoofdstuk
Artikel 5.
Bijzondere bijstand voor duurzame gebruiksgoederen
Onderdeel van Beleidsregels Inkomensondersteuning Participatiewet 2022