Het bestuurlijk platform en het bestuurlijk regieteam worden gemachtigd om de programmamanager algemene instructies of instructies per geval te geven, als bedoeld in artikel 10:6, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht bij de uitoefening van de bevoegdheden bedoeld in artikel 2.
Het bestuurlijk platform geeft géén instructies die in strijd zijn met door het college van burgemeester en wethouders gegeven instructies omtrent de uitoefening van de bevoegdheden bedoeld in artikel 2.
Het bestuurlijk regieteam geeft géén instructies die in strijd zijn met door het college van burgemeester en wethouders of het bestuurlijk platform gegeven instructies omtrent de uitoefening van de bevoegdheden bedoeld in artikel 2.
De programmamanager geeft het college van burgemeester en wethouders, het bestuurlijk platform en het bestuurlijk regieteam alle inlichtingen die zij wensen omtrent de uitoefening van de bevoegdheden bedoeld in artikel 2, onverminderd het bepaalde in artikel 10:6, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
Indien het college van burgemeester en wethouders aangeeft dat het sluiten of wijzigen van een bepaalde overeenkomst in de gemeente politiek of bestuurlijk gevoelig ligt, dan oefent de programmamanager zijn bevoegdheden bedoeld in artikel 2 niet uit, dan nadat het college, het bestuurlijk platform of het bestuurlijk regieteam daartoe een instructie heeft gegeven. Het tweede en derde lid zijn van toepassing op deze instructie.
Een melding van het college als bedoeld in het vijfde lid, wordt eerst in het bestuurlijk regieteam besproken. Indien dat niet tot een oplossing leidt, dan wordt de melding voorgelegd aan het bestuurlijk platform. Indien ook dat niet tot een oplossing leidt dan beslist het college van burgemeester en wethouders.