Vastrecht is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, als dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is het vastrecht verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat belastingjaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing van vastrecht voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat belastingjaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Dit gebeurt niet wanneer het berekende bedrag van ontheffing kleiner is dan € 5,00.
Wanneer de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en een andere woning of appartement in gebruik neemt, bestaat er geen recht op ontheffing van vastrecht.
Diftar is verschuldigd bij de aanvang van de inzameling door de gemeente.
Belastingbedragen van minder dan € 5,00 worden niet geheven.
Artikel 7
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
Onderdeel van VERORDENING AFVALSTOFFENHEFFING 2022