Het college kan een woonvoorziening verstrekken voor de aanpassing van de woning.
De mogelijkheid van verhuizen naar een meer geschikte of volledig geschikte woning kan door de medewerker bij de beoordeling van de geschikte oplossing met de laagste kosten worden meegewogen. De verhuizing maakt in dat geval deel uit van de maatwerkvoorziening. De tegemoetkoming in de kosten voor de verhuizing wordt alleen gegeven bij een door de gemeente, in het kader van de Wet, opgelegde verplichting om te verhuizen.
De medewerker kan eerst een tegemoetkoming voor de kosten van een verhuizing verstrekken, als:
de cliënt aantoonbaar goede pogingen heeft ondernomen om de gebreken zelf te verhelpen of dit door de verhuurder te laten doen, en;
er met het oog op de situatie van de cliënt binnen een redelijke termijn geen uitzicht is op het oplossen van de gebreken aan de woning.
Een woonvoorziening voor de aanpassing van een gemeenschappelijke ruimte in een wooncomplex hoeft niet te worden verstrekt als het wooncomplex specifiek is bestemd voor de huisvesting van ouderen of personen met een beperking.
Een woonvoorziening hoeft niet te worden verstrekt wanneer de woning volgens het bouwbesluit al aan deze aanpassing moest voldoen.
De medewerker kan, als onderdeel van een woonvoorziening, de dubbele woonkosten in verband met tijdelijke huisvesting vergoeden, als een cliënt tijdelijk ergens anders moet wonen totdat de woning is aangepast.
De medewerker kan een voorziening (deels) weigeren als de belemmeringen te wijten zijn aan achterstallig onderhoud, of komen doordat de woning niet voldoet aan de wettelijke eisen.
De medewerker kan een voorziening weigeren als een cliënt bij het betrekken van een nieuwe woning geen rekening heeft gehouden met zijn huidige beperking of met een voorzienbare beperking die komt door een progressieve aandoening, wanneer deze bekend is op moment van verhuizing.
De medewerker verstrekt geen woonvoorziening als de cliënt woont in of verhuist naar een hotel, pension, trekkerswoonwagen, vakantiewoning, tweede woning of intramurale opvang.
De medewerker kan een woonvoorziening weigeren indien deze algemeen verkrijgbaar is.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.3
Artikel 2.3.6
Aanvullende regels voor woonvoorzieningen
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Utrecht 2022