Naar hoofdinhoud
1.. Het recht bedoeld in artikel 8 bedraagt per jaar: a. voor los- en laadbruggen € 17,20 per strekkende meter kademuur, met als minimum € 84,30 b. voor elke hijskraan met bijbehorende werken € 440,40 c. voor vergaarputten op bakken per stuk € 21,45 en voor daarbij behorende buisleidingen € 8,60 per strekkende meter, met een minimum voor de putten of bakken en buisleidingen tezamen van € 84,30 d. voor andere toestellen, werken of inrichtingen: indien de kaden of de gemeentelijke aanlegplaatsen tot geen grotere diepte dan 9 meter in gebruik worden genomen € 17,20 per vierkante meter met een minimum van € 84,30 en € 149,25 per strekkende meter kademuur met een minimum van € 763,90 bij ingebruikname van een grotere diepte dan 9 meter; e. voor vaartuigen, waarop inrichtingen ten behoeve van het laden en lossen van andere vaartuigen zijn zijn aangebracht per vaartuig € 258,90 2.. Voor verplaatsbare toestellen is het in dit artikel bepaalde recht voor elk toestel slechts eenmaal per jaar verschuldigd. 3.. Bij de berekening van het verschuldigde bedrag worden gedeelten van een m², respectievelijk van een strekkende meter voor een hele m² respectievelijk hele strekkende meter gehouden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel