1. De eigenaar of de houder van de hond die gebeten heeft, wordt benaderd voor een huisbezoek.
2. Tijdens het huisbezoek wordt hem de gelegenheid gegeven om een feitelijk verslag te doen van
het bijtincident.
3. Van het huisbezoek wordt een rapport opgemaakt, waarin wordt opgenomen:
a. het feitelijk verslag uit het tweede lid op schrift gesteld,
b. de naam en het adres van de eigenaar of houder van de hond,
c. het ras, een beschrijving, het chipnummer en de naam van de hond die gebeten heeft.
d. het overige dat de melder, ter onderbouwing van zijn verslag, wenst toe te voegen.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.3
Wederhoor
Onderdeel van Beleidsregels hinderlijke en gevaarlijke honden gemeente Goirle