In het geval van een wachttijd langer dan drie maanden vanaf de toekenning van een individuele voorziening is de betreffende jeugdhulpaanbieder verplicht om binnen 2 weken samen met het Loket Jeugd of Gecertificeerde Instelling te bepalen of de jeugdige kan wachten of dat overbruggingshulp geboden moet worden;
Indien de jeugdhulpaanbieder de overbruggingshulp gaat bieden, geeft het Loket Jeugd of Gecertificeerde Instelling hiervoor een indicatie af.
Wanneer de jeugdhulpaanbieder en het Loket Jeugd of Gecertificeerde Instelling het oneens zijn over de in te zetten overbruggingshulp of over de vraag of de jeugdige kan wachten, kan de casus voorgelegd worden aan een onafhankelijk deskundige.
Hoofdstuk 5 › Paragraaf 2.
Artikel 5.12
Overbruggingshulp
Onderdeel van Verordening Jeugdhulp gemeente Purmerend 2022