Melding
De melding is het startpunt van het onderzoek naar de behoefte aan maatwerkvoorziening beschermd wonen. Een melding kan door of namens de cliënt worden gedaan. Een melding kan worden gedaan bij de GGD (beschermd wonen GGZ) of het buurtteam (Tijdelijk Verblijf LVB lvb). Dit kan in principe schriftelijk, via het meldingsformulier. Nadat iemand zich heeft gemeld wordt in eerste instantie door de medewerker van de GGD of het buurtteam bezien of er echt sprake is van een melding. Een informatie- of adviesvraag wordt niet als een melding aangemerkt. Een ontvangstbevestiging wordt maximaal binnen een week na de formele melding verstuurd.
Informatieplicht over cliëntondersteuning
De GGD of het buurtteam wijst voor de start van het onderzoek de inwoner en zijn mantelzorger(s) op de mogelijkheid om gebruik te maken van cliëntondersteuning via het Zelfregiecentrum of MEE. Cliëntondersteuning houdt in dat cliënten recht hebben op ondersteuning met informatie, advies en algemene ondersteuning.
Persoonlijk planen pgb-plan
Na de melding en voordat het onderzoek van start gaat, kan de aanvrager een persoonlijk plan indienen bij de GGD of het buurtteam waarin hij de omstandigheden beschrijft zoals genoemd in artikel 2.3.2 lid 4 van de Wet en aangeeft waarom beschermd wonen naar zijn mening het meest is aangewezen. De GGD moet dit plan betrekken bij het onderzoek. Indien cliënt wenst gebruik te maken van het pgb moet hij/zij in aanvulling van het aanmeldingsformulier een pgb-plan opstellen waaruit onder andere moet blijken waarvoor het pgb wordt gebruikt, waarom de aanvrager een pgb wil, wie de pgb gaat beheren, bij wie de zorg ingekocht zal worden en hoe de kwaliteit en veiligheid is gewaarborgd.
Onderzoek (gesprek)
Het onderzoek vindt plaats aan de hand van de elementen uit artikel 5 van de geldende Verordening maatschappelijke ondersteuning en Jeugdhulp Nijmegen.
Toelatingscriteria beschermd wonen GGZ
De GGD stelt allereerst vast of de cliënt tot de doelgroep behoort waarvoor de maatwerkvoorziening Beschermd Wonen of Beschermd Thuis is. Dit vindt plaats op basis van de navolgende criteria (aan te halen als toelatingscriteria beschermd wonen). De toekenning tot beschermd wonen is aan de orde wanneer alle volgende criteria van toepassing zijn:
leeftijd: cliënt is 18 jaar of ouder en heeft de Nederlandse nationaliteit of verblijft legaal in Nederland;
aantoonbare psychische problematiek: psychische problematiek is vastgesteld door een ter zake kundige *4). Daarbij kan sprake zijn van verstandelijke -, lichamelijke - of zintuiglijke problematiek, echter de psychische problemen staan op de voorgrond. Voorgaande betekent dat er geen beschermd wonen plaatsen bezet kunnen worden door personen waarbij andere problemen op de voorgrond staan;
als gevolg van psychische problematiek onder b niet in staat is om zelfstandig te wonen;
geen behandeling: intramurale behandeling voor de psychiatrische aandoening/beperking is afgerond of staat niet (meer) op de voorgrond. Gebaseerd op de mogelijkheden van de cliënt staat de op participatie gerichte ondersteuning vanuit de beschermende woonomgeving op de voorgrond;
acute situatie: Er is geen sprake van een acute (crisis)situatie in de geestelijke gezondheid en/of op andere levensdomeinen en als gevolg hiervan mogelijkheden zijn voor crisisopvang/opname in de Zvw;
noodzaak tot verblijf in een 24-uurs setting: noodzakelijk voor de cliënt is verblijf in een instelling met de daarbij behorende zorg door middel van 24-uurs toezicht;
ongeplande zorgmomenten: er doen zich dagelijks meerdere ongeplande zorgmomenten voor omdat er sprake is van hoge mate van onvoorspelbaarheid en/of hoge intensiteit van zorg;
cliënt accepteert een begeleiding/ontwikkelingstraject dat met inachtneming van zijn mogelijkheden gericht is op het realiseren van een situatie waarin hij in staat wordt gesteld zich zo snel mogelijk weer op eigen kracht te handhaven in de samenleving;
veiligheid: de veiligheid van de cliënt of zijn omgeving is in het geding. Onder cliëntveiligheid wordt verstaan afwezigheid van onaanvaardbare risico’s voor de cliënt op lichamelijke en/of psychisch he en/of sociale schade. Hierbij valt te denken aan ernstige gedragsproblematiek die voortdurend moet worden gereguleerd, verbale en/of lichamelijke agressie of sterk manipulatief gedrag.
De cliënt, die in aanmerking komt voor beschermd wonen in natura, komt niet in aanmerking voor een aparte maatwerkvoorziening gericht op ondersteuning bij het huishouden. Bij Beschermd Thuis is er overigens geen noodzaak tot verblijf in een 24-uurs setting. Er is wel noodzaak voor 24/7 beschikbaarheid en bereikbaarheid om zelfstandig hulp in te roepen. Hierdoor kan de cliënt zelfstandig blijven wonen.
*4) Hiermee wordt één van de beroepen bedoeld: Psychiater, Klinisch psycholoog, Klinisch neuropsycholoog, Psychotherapeut, Specialist ouderengeneeskunde, verslavingsarts in profielregister KNMG, Klinisch geriater, Verpleegkundig specialist GGZ, GZ-psycholoog, sociaal psychiatrisch verpleegkundige.
Toelatingscriteria Tijdelijk Verblijf licht verstandelijke beperking (LVB) 18+
I. Zelfredzaamheidmatrix (ZRM)
Voor een integrale analyse worden de leefgebieden van de ZRM gebruikt om een analyse te maken van de situatie van de cliënt (zie hoofdstuk 2).
II. Algemene criteria
Tijdelijk Verblijf LVB 18+ wordt alleen ingezet als alle voorliggende mogelijkheden ontoereikend zijn, die per ZRM-leefgebied (voor zover nodig) in kaart worden gebracht:
1. oplossingen vanuit eigen kracht en/of eigen netwerk;
2. algemene voorzieningen;
3. maatwerkvoorzieningen in de vorm van begeleiding en/of dagbesteding;
4. behandeling (tenzij behandeling ontoereikend is gebleken); als behandeling nodig is, kan deze geregeld worden via de verlengde Jeugdwet of de Wlz. Begeleiding en het leren omgaan met de beperkingen staat voorop bij het verbeteren van het functioneren. Intramurale behandeling voor de psychiatrische aandoening/beperking is afgerond of staat niet (meer) op de voorgrond. Gebaseerd op de mogelijkheden van de cliënt staat de op participatie gerichte ondersteuning vanuit de beschermende woonomgeving op de voorgrond.
III. Specifieke criteria
De toekenning tot Tijdelijk Verblijf lvb 18+ is aan de orde wanneer alle volgende criteria van toepassing zijn:
- Cliënt heeft een IQ tussen 50 en 85 in combinatie met (ernstige) gedragsproblematiek.
- Leeftijd: cliënt is 18 jaar of ouder en heeft de Nederlandse nationaliteit of verblijft legaal in Nederland.
- Noodzaak tot verblijf in een 24-uurs setting: noodzakelijk voor de cliënt is verblijf in een instelling met de daarbij behorende zorg door middel van 24-uurs toezicht. Zorg in de nabijheid is noodzakelijk, iemand kan zelf niet risico’s inschatten en adequaat en op tijd om hulp vragen met als gevolg risico op (zelf)verwaarlozing of overlast.
- De inschatting is dat cliënt op termijn in staat is tot zelfstandig (begeleid) wonen met behulp van zelfstandigheidstraining; onderlegger hiervoor is een afwijzing op een Wlz-aanvraag.
- Aanvrager heeft intensieve ondersteuning nodig bij het dagelijks functioneren op verschillende leefgebieden, gericht op de ontwikkeling en zelfstandigheid (zelfstandig wonen) van de cliënt.
- Het toezicht en de intensieve ondersteuning kan niet geleverd worden door ambulante ondersteuners.
- Cliënt accepteert een begeleidings-/ontwikkelingstraject dat met inachtneming van zijn mogelijkheden gericht is op het zo snel mogelijk zelfstandig gaan wonen, al dan niet met behulp van ambulante begeleiding.
- Acute situatie: er is geen sprake van een acute (crisis)situatie in de geestelijke gezondheid; in dat geval is crisisopvang meer voor de hand liggend.
- Het (feitelijk) dakloos zijn of slachtoffer zijn van huiselijk geweld is op zichzelf geen grond voor de toegang tot Tijdelijk Verblijf.
IV. Trajectplan – intensiteit begeleiding
Het trajectplan/Zorgplan van in principe maximaal 3 jaar is gericht op zelfstandig wonen en bevat doelen per leefgebied en de daaraan gekoppelde activiteiten die halfjaarlijks worden geëvalueerd. In elk traject/Zorgplan zijn in ieder geval doelen opgenomen gericht op opleiding, werk en/of zinvolle dagbesteding. Op basis van het trajectplan/Zorgplan wordt bepaald hoeveel uren begeleiding en daaraan gekoppeld welke bouwsteen (Tijdelijk verblijf met reguliere of intensieve begeleiding) nodig (zie par. 3.3).
Geen Tijdelijk Verblijf
Bij de afweging of er een maatwerkvoorziening Tijdelijk Verblijf noodzakelijk is moet er rekening mee gehouden worden dat er veel algemeen beschikbare en redelijke oplossingen voorhanden zijn die algemeen gebruikelijk kunnen zijn en die een inwoner zelf kan aanschaffen of inzetten. Tijdelijk Verblijf wordt niet toegekend wanneer de problemen die de cliënt ondervindt in het zich zelfstandig handhaven in de samenleving op te lossen zijn door:
eigen kracht of de inzet van algemene voorzieningen: in eerste instantie wordt gekeken of de problematiek opgelost/verminderd kan worden binnen de eigen mogelijkheden en eigen kracht van de cliënt en/of door inzet van algemene voorzieningen. Een algemene voorziening is voorliggend op een maatwerkvoorziening. Het betreft voorzieningen waar iedereen, zonder indicatie of andere vorm van toegang, gebruik van kan maken.
gebruikelijke hulp: ook bij Tijdelijk Verblijf wordt het begrip gebruikelijke hulp gehanteerd. Gebruikelijke hulp is de normale, dagelijkse zorg, die partners, ouders en inwonende kinderen geacht worden elkaar onderling te bieden, omdat ze als leefeenheid een gezamenlijk huishouden. Alleen wanneer sprake is van een situatie waarbij de begeleiding de gebruikelijke hulp substantieel overschrijdt is Tijdelijk Verblijf van toepassing.
andere of algemene voorzieningen: het is mogelijk dat andere voorzieningen meer passend zijn. Er is een afbakening met zowel lichtere als zwaardere vormen:
de ambulante maatwerkvoorzieningen in de Wmo 2105, m.n. begeleiding;
de maatschappelijke opvang (Wmo);
extramurale GGZ-behandeling of persoonlijke verzorging (Zvw);
intramurale GGZ-behandeling (Zvw);
langdurige intramurale zorg (Wlz);
beschermd wonen op forensische titel (Wet forensische zorg).
dakloos: het (feitelijk) dakloos zijn of slachtoffer zijn van huiselijk geweld is op zichzelf geen grond voor de toegang tot beschermd wonen.
Onderzoeksverslag
Het college verstrekt de cliënt of diens vertegenwoordiger een schriftelijke weergave van de uitkomsten van het gesprek en het onderzoek. Feitelijk is dit het verslag van het gesprek met de cliënt. In het verslag staat een ondersteuningsadvies dat passend is bij de zorgvraag. Als uit het onderzoek blijkt dat beschermd wonen niet de juiste vorm van ondersteuning is, wordt een passend advies gegeven en zorgt de GGD of het buurtteam voor een goede overdracht. Voor beschermd wonen wordt aangegeven voor hoelang de bewoner welke vorm van ondersteuning en (indien bekend) bij welke zorgaanbieder ontvangt.
Aanvraag
Indien na het gesprek blijkt dat een maatwerkvoorziening beschermd wonen nodig is, dient deze officieel te worden aangevraagd. De aanvraag voor beschermd wonen wordt door de GGD gedaan namens de bewoner (of gemachtigde/wettelijk vertegenwoordiger). Pas na verstrekking van een verslag kan een aanvraag voor de maatwerkvoorziening beschermd wonen worden gedaan (artikel 2.3.2. lid 9 Wmo), tenzij:
het onderzoek niet is uitgevoerd binnen 6 weken;
er naar het oordeel van de GGD sprake is van een spoedeisende situatie (bijv. na klinische opname/ziekenhuisopname).
De aanvraag moet schriftelijk ingediend worden bij het college van Nijmegen. De afhandelingstermijn voor de aanvraag bedraagt 2 weken.
Verstrekkingsvorm
Als ondersteuning via de maatwerkvoorziening beschermd wonen noodzakelijk is kan deze worden verstrekt in de vorm van zorg in natura door een van de gecontracteerde zorgaanbieders waarmee de centrumgemeente afspraken heeft gemaakt. Beschermd wonen kan ook in pgb worden verstrekt. Hier zijn wel voorwaarden aan verbonden (zie hoofdstuk 5). Tijdens het onderzoek wordt aan de cliënt of diens vertegenwoordiger medegedeeld welke mogelijkheden bestaan om te kiezen voor de verstrekking van een persoonsgebonden budget.
Duur toekenning
De decentralisatie van beschermd wonen, GGZ-cliëntgroep, heeft onder andere tot doel mensen niet langer dan nodig institutioneel en beschermd te laten wonen. Door het stimuleren van de eigen kracht en het uitgaan van de eigen mogelijkheden van de cliënt kan de huidige gemiddelde verblijfsduur mogelijk worden bekort. Het stellen van een geldigheidsduur van de toekenning op beschermd wonen voor maximaal 3 jaar ligt in de rede. Dit om sturing te geven aan het structureel begeleiden van mensen in beschermd wonen en daar waar het kan mensen daadwerkelijk de kans te geven door te stromen. Daarnaast is een geldigheidsduur die te overzien is van belang in verband met de Wlz die op termijn toegankelijk wordt voor de ZZP GGZ C-groep. Voor de zorgverstrekking in pgb hanteren we een duur van maximaal 2 jaar.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.6
Procedure: Melding, onderzoek en aanvraag
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp 2022