Deze verordening verstaat onder:
a. vaartuig: een drijvend lichaam dat wegens zijn drijfvermogen wordt gebezigd dan wel bestemd of geschikt is voor het vervoer te water van personen of goederen of voor het dragen of vervoeren van al dan niet met het drijvende lichaam één geheel uitmakende voorwerpen;
b. meetbrief: het document als bedoeld in artikel 21 lid 1 van de Binnenvaartwet, juncto artikel 1.10, eerste lid, onderdeel f, van het Rijnvaartpolitiereglement 1995;
c. schip: een binnenvaartschip of een vissersschip;
d. binnenvaartschip: een vaartuig, niet zijnde een pleziervaartuig, dat uitsluitend wordt gebruikt voor de vaart op de binnenwateren;
e. passagiersschip: een binnenvaartschip, dat middel van openbaar vervoer is of hoofdzakelijk gebezigd wordt voor het bedrijfsmatig vervoer van grotere groepen personen;
f. vissersschip: een schip dat hoofdzakelijk gebruikt wordt voor het vangen van vis of andere levende rijkdommen van de zee;
g. pleziervaartuig: een vaartuig, hoofdzakelijk bedoeld voor recreatief gebruikt, niet zijnde een passagiersschip;
h. woonschepen: een vaartuig in gebruik om op te wonen;
i. gebruik van de haven: het in artikel 2 bedoelde gebruik van voor de openbare dienst bestemde wateren en kaden of van voor de openbare dienst bestemde werken of inrichtingen, zoals deze zijn aangegeven op de bij de verordening behorende kaart;
j. termijn: een in de tarieventabel genoemd tijdvak waarin het gebruik van de haven plaatsvindt:
- een dag: een aaneengesloten tijdvak van 24 uren beginnende op 0.00 uur met uitzondering voor pleziervaartuigen waarvoor het aaneengesloten tijdvak van 24 uren op 16.00 uur begint;
- een week: een kalenderweek van maandag tot en met zondag;
- een maand: een kalendermaand;
- een jaar: een kalenderjaar;
- een winterseizoen: de kalendermaanden november tot en met maart.
Een gedeelte van een dag, week of maand wordt voor een gehele dag respectievelijk een gehele week of een gehele maand gerekend.