**1..** Voorwerp van de belasting is een perceel.
**2..** Als perceel wordt aangemerkt:
a. de onroerende zaak, bedoeld in artikel 16, onder a, c, d en f, van de Wet waardering
onroerende zaken;
b. de roerende zaak, welke duurzaam aan een plaats gebonden is;
c. een gedeelte van een in onderdeel b bedoelde roerende zaak dat blijkens zijn indeling is
bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt;
d. een samenstel van twee of meer in onderdeel b bedoelde roerende zaken of in onderdeel c
bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde belastingplichtige in gebruik zijn en die, naar
de omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren.
e. het binnen de gemeente gelegen deel van de in onderdeel b bedoelde roerende zaak,
van een in onderdeel c bedoeld gedeelte daarvan of van een in onderdeel d bedoeld
samenstel.