**1..** De gemeenteraad kan, op voorstel van het college, een besluit tot aanwijzing als bedoeld in artikel 2.3.3.1 eerste lid, wijzigen of intrekken. Hierop zijn artikel 2.3.3.1, tweede lid, en artikel 6.2.2.1, van overeenkomstige toepassing, tenzij het gaat om een aanpassing van ondergeschikte betekenis, of het stads- en dorpsgezicht waarop de aanwijzing betrekking heeft als zodanig niet meer bestaat.
**2..** Een aanwijzing vervalt zodra het stads- en dorpsgezicht waarop de aanwijzing betrekking heeft wordt aangewezen als:
beschermd stadsgezicht als bedoeld in artikel 35, eerste lid, van de Monumentenwet 1988, of
beschermd stadsgezicht op grond van een provinciale verordening.
**3..** Wanneer de wijziging, intrekking of het vervallen van een aanwijzing onherroepelijk is geworden, wordt dat direct opgenomen in het gemeentelijk erfgoedregister.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.3.3
Artikel 2.3.3.2