De burgemeester kan de vergunning voor een speelgelegenheid intrekken, indien:
de exploitant in strijd handelt met hetgeen hij in het bedrijfsplan heeft opgenomen;
het aanvullend bedrijfsplan als bedoeld in artikel 2:20 onvoldoende garanties geeft dat de Wet op de kansspelen niet zal worden overtreden;
het bepaalde in de Wet op de kansspelen wordt overtreden;
in het bedrijf strafbare feiten plaatsvinden die een bedreiging vormen voor de veiligheid op orde in het bedrijf;
de openbare orde en veiligheid of het woon- en leefklimaat door de aanwezigheid van het bedrijf wordt verstoord of benadeeld;
de exploitant het toezicht op de naleving van het in deze paragraaf bepaalde belemmert of bemoeilijkt.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf
Artikel 2:22
Gronden voor intrekking vergunning
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Meppel