Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.5

Voorzieningen

Onderdeel van Havenverordening 2011

1.. Het is verboden voorzieningen, voorwerpen of begroeiing in, onder of boven het water te hebben, aan te brengen of te doen aanbrengen. 2.. Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing op schepen. 3.. Onder voorzieningen of voorwerpen, als bedoeld in het eerste lid, worden niet begrepen: trossen, draden, kettingen of andere soortgelijke voorzieningen die dienen om een schip te meren, te ankeren, te slepen of te assisteren en die als zodanig in gebruik zijn; planken en andere soortgelijke voorwerpen, niet zijnde vaste voorzieningen, die dienen om de toegang van of aan boord mogelijk te maken en die als zodanig in gebruik zijn; laadbruggen, hijsbalken, hijskranen, hangende of drijvende plateaus of andere soortgelijke voorwerpen, voor zover deze in bedrijf zijn of zodanig gemarkeerd dat geen gevaar, schade of hinder ontstaat. 4.. Het college kan, onverminderd het bepaalde in het tweede en derde lid, van het in het eerste lid gestelde verbod ontheffing verlenen.

Rechtspraak bij dit artikel