Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8

Artikel 8.2

Geldigheidsduur van de aanwijzing; beperking en voorschriften

Onderdeel van Havenverordening 2011

1.. De in artikel 8.1 bedoelde aanwijzing geschiedt voor de duur van ten hoogste vijf jaren. 2.. Aan een aanwijzing kunnen beperkingen en voorschriften worden verbonden die betrekking kunnen hebben onder meer op: de ontvangstvoorzieningen waarover het bedrijf beschikt en de veranderingen daarvan; de mate van beschikbaarheid voor en de verplichting tot het in ontvangst nemen van schadelijke stoffen; de soorten schadelijke stoffen waarvoor de aanwijzing geldt; het meedelen van het tarief voor de kosten die in rekening worden gebracht aan schepen die schadelijke stoffen afgeven; het melden van het in ontvangst nemen van de schadelijke stoffen en het verstrekken van de gegevens daaromtrent. 3.. Het college kan de duur van een aanwijzing telkens met een tijdvak van ten hoogste vijf jaren verlengen, zonodig met gewijzigde beperkingen en voorschriften. 4.. Het college kan een aanwijzing of verlenging voor het nog te doorlopen deel van de geldigheidsduur intrekken indien: een reden waarom zij heeft plaatsgevonden is vervallen; een beperking of voorschrift niet wordt nageleefd; zich na de aanwijzing of verlenging zodanige feiten of omstandigheden voordoen dat, indien deze ten tijde van de aanwijzing of verlenging bekend waren geweest, de aanwijzing of verlenging niet of niet in die vorm zou hebben plaatsgevonden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel