Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 10

Artikel 10.1

Ernstige benadeling van het gezin

Onderdeel van Beleidsregels bekostiging leerlingenvervoer Leudal 2022

Indien in het begeleiden van een leerling door de ouders/verzorgers of anderen, zoals gesteld in artikel 8 en 19 van de Verordening het gezin ernstig wordt benadeeld, kan de ouder/verzorger worden vrijgesteld van begeleiding. Op advies van het CJG kan er dan tijdelijk een voorziening in de vorm van aangepast vervoer worden toegekend. Er wordt rekening gehouden met de mogelijkheden van het netwerk en van ouders/verzorgers redelijkerwijs te vergen inzet. De inzet is gericht op een tijdelijke voorziening, zodat ouders/verzorgers na afloop van een periode weer zelf voor het vervoer kunnen zorgen. Uiteraard dient er voldaan wordt aan de in de Verordening gestelde criteria. Van ouders/verzorgers wordt geen begeleiding verlangd mits er wel sprake is van een redelijkerwijs te vergen inzet, indien er aantoonbaar sprake is van minimaal één van onderstaande situaties: De ouder/verzorger van een éénoudergezin kan door meerdere factoren niet langer zijn/haar werk uitoefenen als hij zorg moet dragen voor de begeleiding naar school van zijn kind. Het volgen van een (re-)integratietraject of voltijdsopleiding wordt gelijkgesteld met werk. Om dit vast te kunnen stellen kunnen verklaringen worden opgevraagd. Er sprake is van een éénoudergezin met meerdere schoolgaande kinderen (naar verschillende scholen) waardoor begeleiding niet mogelijk is maar wel noodzakelijk is. Er structurele medische beperkingen van ouders/verzorgers zijn die langer dan drie maanden duren én die ouders/verzorgers belemmeren hun kind te begeleiden. In deze gevallen kan een (medische) verklaring worden opgevraagd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel