Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.5

Vergoeding bij crisissituaties (zie ook artikel 14)

Onderdeel van Beleidsregels bekostiging leerlingenvervoer Leudal 2022

Kinderen die thuis in een crisissituatie leven kunnen tijdelijk of voor langere duur opgevangen worden in een pleeggezin of woonvorm. In de gemeente Leudal zijn er bijvoorbeeld diverse woonvormen (bijvoorbeeld Rubicon, Hoeve de Kaolder) voor kinderen en jongeren met uiteenlopende problematiek. Als er sprake is van een crisissituatie blijft de leerling meestal zijn oude school bezoeken, omdat dit vaak nog de enige stabiele en veilige factor is. Formeel genomen hoeft de gemeente het vervoer naar de oude school niet te vergoeden, omdat dit veelal niet de dichtstbijzijnde toegankelijke is. De aanvragen in verband met crisissituaties worden met voorrang behandeld. Crisisverblijf binnen de gemeente (kind uit een andere gemeente verblijft tijdelijk in de gemeente Leudal) Indien er sprake is van tijdelijk crisisverblijf binnen de gemeente Leudal, dan is de gemeente van herkomst de eerste 6 weken financieel verantwoordelijk. Indien er na deze periode van 6 weken nog steeds geen duidelijkheid is over de nieuwe verblijfplaats, dan kan met de gemeente van herkomst afgesproken worden dat de kosten verdeeld kunnen worden (50%, voor maximaal 4 maanden). Indien dit niet mogelijk is wordt het principe van de dichtstbijzijnde toegankelijke school gehanteerd. Is dit niet wenselijk, dan wordt verwezen naar de afdeling jeugdwet van de gemeente van herkomst, aangezien zij ook de crisisplaatsing bekostigen. Crisisverblijf buiten de gemeente (kind uit de gemeente Leudal verblijft tijdelijk in andere gemeente) Indien er sprake is van tijdelijk crisisverblijf buiten de gemeente dan zorgt de gemeente Leudal gedurende 6 weken voor de bekostiging van het vervoer naar de oude school. Deze periode kan in overleg met de betrokken hulpverlening verlengd worden tot maximaal 4 maanden, als er nog geen zicht is op de nieuwe verblijfplaats van het kind. In deze periode (6 weken tot 4 maanden) kan in overleg met de gemeente waar de crisisplaatsing plaatsvindt de kosten verdeeld worden (50% voor maximaal 4 maanden). Indien dit niet mogelijk, dan wordt het principe van de dichtstbijzijnde toegankelijke school gehanteerd. Is dit niet wenselijk, dan kan advies worden gevraagd aan het CJG over de bekostiging van het vervoer op basis van de jeugdwet.

Rechtspraak bij dit artikel