Tot de subsidiabele activiteiten als bedoeld in artikel 1.3 aanhef en onder f worden gerekend:
het verrichten van herstelwerkzaamheden en achterstallig onderhoud aan waardevolle cultuurhistorische landschapselementen;
activiteiten waardoor de waardevolle cultuurhistorische landschapselementen fysiek zichtbaarder worden gemaakt voor publiek;
belevingsactiviteiten gericht op het vergroten van de beleving van het waardevol historisch cultuurlandschap.