Voor zover de voor uitkering en pensioen in aanmerking komende
tijd kalenderjaren of kalendermaanden omvat, wordt deze tijd
uitgedrukt in jaren onderscheidenlijk maanden voor uitkering en
pensioen in aanmerking komende tijd. De overige tijd wordt
uitgedrukt in gedeelten van jaren onderscheidenlijk gedeelten
van maanden, waarbij het jaar op 12 maanden en de maand op 30
dagen wordt gesteld.
Hoofdstuk › Afdeling › Paragraaf
Artikel 56
Artikel 56
Onderdeel van Uitkerings- en pensioenverordening wethouders van Leusden