Nadere regels op grond van artikel 7.2 van de Verordening Jeugdhulp
Levering van een individuele voorziening in de vorm van een pgb
In aanvulling op artikel 8.1.1 lid 4 van de Jeugdwet en artikel 4.3 van de Verordening Jeugdhulp verstrekt de gemeente alleen een individuele voorziening in de vorm van een pgb onder de volgende voorwaarden:
als de jeugdige en de ouder, al dan niet samen met hun (sociale netwerk) of met hulp van een curator, bewindvoerder, mentor, gemachtigde, gecertificeerde instelling of aanbieder van gesloten jeugdhulp in staat zijn de aan een pgb verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren;
als naar het oordeel van de gemeente zeker is dat de hulp die de jeugdige en de ouder willen krijgen van een niet gecontracteerde zorgaanbieder, zzp-er of een persoon die behoort tot het sociaal netwerk:
van goede kwaliteit is: veilig, doeltreffend, doelmatig en op de jeugdige en de ouder gericht is, en
gemotiveerd is aangeven waarom de jeugdige en de ouder een pgb wensen te ontvangen en de jeugdige en de ouder zorg in natura niet passend achten, en
bijdraagt aan het beoogde resultaat, zoals is gesteld in artikel 4.2.1 lid 2 van de Verordening Jeugdhulp
Of een jeugdige en de ouder dan wel een persoon uit het (sociaal) netwerk is staat is om de aan een pgb verbonden taken uit te voeren, kan de gemeente laten vaststellen door middel van een test, zoals de pgb-test van Per Saldo. De gemeente kan hiervoor ook de checklist gebruiken van de rijksoverheid: 10 punten pgb-vaardigheden3https://www.rijksoverheid.nl/documenten/publicaties/2019/08/26/10-punten-pgb-vaardigheden.
Een pgb kan alleen worden ingezet voor betaling van hulp geleverd en/of gekregen in Nederland.
Een individuele voorziening in de vorm van een pgb, wordt niet verleend voor hulp die vóór de aanvraag is uitgevoerd.
Voor het vaststellen of een voorziening voor vervoer conform artikel 2.3 lid 2 van de Jeugdwet in samenhang met een pgb van toepassing is, wordt de nadere regel van paragraaf 3.3 over de vervoersvoorziening gehanteerd.
De budgetbeheerder voert een deugdelijke administratie ten aanzien van de besteding van het pgb.
Weigeringsgronden pgb
De gemeente verstrekt geen pgb als:
de kosten zijn gemaakt vóórdat de aanvraag is ingediend en het niet meer is na te gaan of die hulp nodig was;
het gaat om kosten voor vervoer als de jeugdige en de ouder gebruik kunnen maken van het collectief taxivervoer;
uit het door de jeugdige en de ouder ingediende begrotingsplan blijkt dat de kwaliteit van de hulp niet voldoende gewaarborgd kan worden;
de jeugdige en de ouder niet over de vaardigheden beschikken om het pgb te kunnen beheren;
de jeugdige en de ouder geen begrotingsplan indienen of het ingediende begrotingsplan niet met de gemeente willen bespreken of niet reageren op een uitnodiging om het begrotingsplan te bespreken;
de beoogde pgb-beheerder dezelfde persoon is als de beoogde hulpverlener;
de jeugdige en de ouder eerder een pgb hebben ontvangen maar zich hierbij niet aan de verplichtingen voor het pgb hebben gehouden;
als de jeugdige en de ouder voor de gevraagde hulp bij de betreffende zorgaanbieder zorg in natura ontvangen of hebben ontvangen;
de activiteiten waarvoor een pgb wordt gevraagd, activiteiten zijn die in het algemeen kosteloos worden verricht door personen uit het sociaal netwerk, zoals:
(sociale) activiteiten ondernemen met de jeugdige en de ouder;
toezien op de inname van medicijnen;
het maken van afspraken en/of het meegaan naar afspraken bij een (medisch) specialist;
vervoer naar afspraken met een (medisch) specialist.
Besteding pgb
Het pgb kan niet besteed worden aan:
kosten voor bemiddeling, tussenpersonen of belangenbehartigers;
het voeren van een pgb-administratie;
ondersteuning bij het aanvragen en beheren van een pgb-administratie;
kosten voor een feestdagenuitkering aan de hulpverlener(s);
eten en drinken;
contributie voor het lidmaatschap van Per Saldo en kosten voor het volgen van cursussen over het pgb en kosten voor het bestellen van informatiemateriaal;
zorg en ondersteuning die onder een andere wet vallen dan de wet op grond waarvan het pgb is verstrekt;
zorg en ondersteuning die onder een algemene voorziening en/of algemeen gebruikelijke voorziening vallen;
ondersteuning bij inkopen buiten Nederland;
Het pgb mag niet worden gebruikt voor de betaling van tussenpersonen of belangenbehartigers;
betaling van tussenpersonen of belangenbehartigers.
Nadere regels op grond van artikel 4.2.2 van de Verordening Jeugdhulp
Voorwaarden voor levering van hulp door de ouder
Als een ouder door het verlenen van hulp aan de jeugdige niet in staat is om daarnaast nog in het levensonderhoud van het gezin te voorzien door de hulp die de jeugdige nodig heeft, kan de gemeente besluiten om een individuele voorziening voor hulp in te zetten.
Voor de weging van de eigen kracht is het voor de gemeente van belang of een ouder door het verlenen van hulp aan de jeugdige niet (meer) in staat zou zijn om in het benodigde levensonderhoud van het gezin te voorzien. Bij de weging zijn de volgende aspecten van belang:
wat is de grens van de mogelijkheden van ouders?
wat is de aard van de benodigde hulp en kunnen ouders deze veilig en doeltreffend leveren?
kan de hulp in het belang van de jeugdige het beste door de ouders worden verleend?
Kwaliteitseisen aan het sociaal netwerk voor het bieden van hulp
Een persoon uit het sociaal netwerk die voor hulp met een pgb wordt ingezet, moet voldoen aan de volgende eisen:
de persoon is meerderjarig en handelingsbekwaam;
de persoon is voldoende op de hoogte van de verantwoordelijkheden die aan het bieden van de hulp verbonden zijn;
de persoon levert veilige, doeltreffende, doelmatige en op de jeugdige en de oudergerichte hulp afgestemd op de reële behoefte van de jeugdige en de ouder;
de persoon biedt passende zorg welke wordt geëvalueerd door doelen en een evaluatieplan.
de persoon verricht geen voorbehouden handelingen of handelingen die op norm van de verantwoorde werktoedeling aan een geregistreerde professional zijn voorbehouden;
de persoon is niet overbelast en raakt niet overbelast door het verlenen van de hulp. Overbelasting blijkt onder meer uit angst of gespannenheid; depressie; gedragsproblemen en/of lichamelijke klachten, verminderde prestaties of concentratieproblemen;
de persoon kan aantonen in staat te zijn de hulp te verlenen;
de persoon geeft aan bereid te zijn de hulp te verlenen conform het door de gemeente vastgestelde tarief;
er is geen sprake (geweest) van het uitoefenen van druk door of op de persoon die de hulp uitoefent om de hulp te geven;
de persoon en hulp voldoet aan de nadere regels basiskwaliteitseisen pgb, zoals genoemd in dit document onder paragraaf 6.3.
Nadere regels op grond van artikel 4.2.3 van de Verordening Jeugdhulp
Hoogte en tarief pgb
De gemeente verleent een pgb met ten hoogste de volgende bedragen:
Maximaal € 20,-- per eenheid als de zorg wordt geleverd door een persoon uit het (sociaal) netwerk.
€ 20,-- per etmaal voor kortdurend verblijf en/of respijtzorg in het sociaal netwerk.
€ 20,-- per uur voor ondersteuning/begeleiding geleverd door een persoon uit het sociaal netwerk.
Begroting met betrekking tot de besteding van het pgb
De gemeente stelt de omvang van het pgb vast op basis van de door de jeugdige en ouder ingediende aanvraag in de zin van artikel 2.3.2, lid 3 van de Verordening Jeugdhulp en het begrotingsplan.
De jeugdige en ouder geven in het begrotingsplan informatie over de concrete invulling en de besteding van het pgb.
Het begrotingsplan vermeldt het tarief per eenheid van de te verlenen hulp door de zorgverlener of persoon uit het sociaal netwerk, het aantal af te nemen eenheden en voor welke problemen en met welk doel de betreffende hulp wordt ingezet.
Toelichting
In artikel 8.1.1. van de Jeugdwet is vastgelegd dat aan de jeugdige en de ouder een pgb verstrekt kan worden. Dit kan alleen als de jeugdige en de ouder kunnen motiveren waarom zorg in natura niet passend is en in staat zijn om de aan de pgb verbonden taken uit te voeren (pgb-vaardig zijn). Met een pgb organiseren de jeugdige en de ouder zelf de benodigde hulp.
De gemeenteraad heeft de opdracht om in de Verordening Jeugdhulp vast te leggen op welke wijze de hoogte van het pgb wordt bepaald. Dit is geregeld in artikel 4.3.2 van de Verordening Jeugdhulp. Als de zorgaanbieder, zzp-er of persoon uit het sociaal netwerk een hoger tarief berekend voor de hulp die nodig is en beschikt is door de gemeente, dan is het nodig dat de jeugdige en de ouder zelf de meerkosten betalen. Dit wordt vastgelegd in het actieplan.
Eigen kracht
Hulp die naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht van de ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten wordt door de gemeente niet gezien als jeugdhulp. Wanneer de beslissing door het gezin is genomen om met eigen kracht jeugdhulp te verlenen waarbij een van de ouders minder betaalde arbeid is gaan verrichten, en de draaglast van de zorgvraag en de draagkracht van het gezin zijn in met elkaar overeenstemming, dan bestaat niet vanzelfsprekend een aanspraak op een jeugdhulpvoorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget, behalve als het gezin door de inkomensdaling in financiële problemen komt die niet met door het gezin te nemen maatregelen zijn op te lossen binnen de bestaande woon- en leefsituatie.