**1..** De frequentie van de voortgangsgesprekken wordt vastgesteld op basis van de uitkomsten van de brede intake en afgestemd op de inburgeringsplichtige (maatwerk), met dien verstande dat in het eerste jaar minimaal twee voortgangsgesprekken plaatsvinden.
**2..** Het college neemt de frequentie van de voortgangsgesprekken op in het PIP.
**3..** Het college vermeldt in de uitnodigingsbrief:
wat het voortgangsgesprek inhoudt;
waar en wanneer precies de inburgeringsplichtige voor het voortgangsgesprek moet verschijnen;
wat de gevolgen zijn als de inburgeringplichtige niet voor het voortgangsgesprek verschijnt.
**4..** Tussen de datum van de uitnodigingsbrief en het voortgangsgesprek liggen minimaal vijf werkdagen.
**5..** Ter voorbereiding op de voortgangsgesprekken wint het college informatie in bij de organisaties die bij het traject betrokken zijn.
**6..** Het college doet verslag van het voortgangsgesprek en deelt dit met de inburgeringsplichtige.
**7..** Op basis van de uitkomst van deze gesprekken past het college zo nodig (onderdelen van) het PIP aan en stelt dan het PIP opnieuw (per beschikking) vast.
Hoofdstuk 4
Artikel 7