Naar hoofdinhoud
1.. Het college benoemt de leden van de commissie, evenals de plaatsvervangende leden. 2.. De leden en de plaatsvervangers kunnen voor een termijn van ten hoogste drie jaar worden benoemd. 3.. Herbenoeming van leden en plaatsvervangers kan eenmaal voor ten hoogste drie jaar plaatsvinden. 4.. Afgetreden leden zijn drie jaar na hun aftreden weer benoembaar. 5.. De leden worden op eigen aanvraag ontslagen. Zij kunnen voorts door burgemeester en wethouders worden geschorst en worden ontslagen wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden. 6.. Indien een vacature ontstaat, neemt het college zo spoedig mogelijk een beslissing over de invulling daarvan, met inachtneming van het bepaalde in deze verordening. 7.. Een tussentijds benoemd lid van de commissie treedt af op het tijdstip, waarop het lid, in wiens plaats hij is benoemd, zou aftreden.

Rechtspraak bij dit artikel