Standplaats:
Per persoon wordt slechts één standplaatsvergunning verstrekt.
De standplaatsvergunning is persoonsgebonden en in beginsel niet overdraagbaar.
Om voor een vergunning in aanmerking te komen, dient de aanvrager handelingsbekwaam te zijn en te voldoen aan alle wettelijke verplichtingen op grond van bedrijfsuitoefening en bedrijfsorganisatie.
De standplaats moet daadwerkelijk worden ingenomen op de dagen waarvoor de vergunning geldt. Indien een standplaats niet kan worden ingenomen, dient de vergunninghouder dit te melden.
Alle verkooppunten waarvoor een standplaatsvergunning wordt afgegeven, moeten verrijdbaar zijn of verplaatsbaar.
De verkoopgelegenheid dient aan het eind van de dag van de standplaats te worden verwijderd tenzij anders opgenomen in de vergunning.
De standplaats mag niet eerder in gebruik worden genomen dan een uur voordat met de verkoop mag worden begonnen en moet zijn ontruimd binnen een uur nadat de verkoop moet zijn beëindigd.
De afmetingen van de standplaats (en verkoopgelegenheid) mogen de omvang zoals die voor de standplaats is/wordt vastgesteld niet overschrijden.
Een vergunning wordt uitsluitend verleend voor het daarin verleende assortiment. Goederen en waren welke niet tot het verleende assortiment behoren mogen niet worden verkocht.
Op een standplaats mag in principe niet worden gebakken tenzij de aard van het te voeren assortiment aanleiding geeft hiervoor vergunning te verlenen. In dat geval dient te worden voldaan aan de algemene brandveiligheidsvoorwaarden voor mobiele bakkramen.
De prijsaanduiding van de ter verkoop aangeboden goederen dient voor het publiek leesbaar te zijn.
De verkoopgelegenheid dient in goede staat van onderhoud te verkeren en over een zodanig uiterlijk te beschikken dat het aanzien van de omgeving niet wordt verstoord.
De directe omgeving van de standplaats dient vrij te worden gehouden van afval. Daartoe dienen voldoende afvalbakken voor het publiek aanwezig te zijn.
Bij het ontruimen dient de vergunninghouder zijn standplaats en de onmiddellijke omgeving (25 meter) daarvan schoon op te leveren.
Het is niet toegestaan op de standplaats gebruik te maken van geluidsversterkende apparatuur.
Het is niet toegestaan een terras te plaatsen bij de standplaats.
Het is niet toegestaan om reclameborden te plaatsen bij de standplaats.
Indien de locatie van een standplaats is betrokken bij een evenement en de standplaats daarin niet kan worden ingepast, dan kan van de standplaats geen gebruik worden gemaakt.
De vergunninghouder dient zich te houden aan alle van toepassing zijnde wet- en regelgeving, zoals de Warenwet, Winkeltijdenwet en Wet Milieubeheer.
standplaatshouder moet te allen tijde medewerking verlenen aan het terstond kunnen uitvoeren van infrastructurele of groen werkzaamheden en werkzaamheden t.b.v. de nutsvoorzieningen .Overigens is het bepaalde in artikel 21 van de beleidsregels van toepassing
Hulpdiensten:
Er dient een minimale vrije doorgang/ rijbaanbreedte van 4 meter voor de hulpdiensten gegarandeerd te blijven.
(Brand)veiligheid:
Eventuele kabels en/of snoeren die over de grond lopen dienen zodanig te zijn afgedekt dat gevaar op struikelen c.q. vallen wordt voorkomen.
Aanwijzingen door of vanwege de gemeente, politie en brandweer dienen stipt en onverwijld te worden opgevolgd.
Wagens of kramen waarin niet wordt gebakken, gebraden of gefrituurd hebben een minimale afstand van 1 meter. tot de bebouwing van andere wagens/kramen.
Wagens of kramen waarin wel gebakken, gebraden of gefrituurd wordt, hebben een minimale afstand van 5 meter tot de bebouwing of andere wagens/kramen, tenzij
de afstand tot het gebouw of de wagen/kraam tenminste 2 meter is en er niet wordt gefrituurd.
Binnen handbereik van een baktoestel is voor iedere bak een passend deksel of een blusdeken aanwezig waarmee de bakken in geval van brand kunnen worden afgedekt.
In de onmiddellijke nabijheid van een baktoestel dient een goedgekeurde 6-liter sproeischuimblusser of 6 kilogram ABC-poeder aanwezig te zijn, die eenvoudig gepakt kan worden.
De ruimte waarin de gasflessen staan moet voldoende geventileerd zijn.
Het is verboden te roken of open vuur te hebben op plaatsen waar brandgevaarlijke stoffen zijn opgeslagen.
Schade:
De vergunninghouder dient voldoende verzekerd te zijn tegen vorderingen tot schadevergoeding waartoe hij als gebruiker van een verkoopinrichting krachtens wettelijke aansprakelijkheidsbepalingen zou kunnen worden verplicht wegens aan de gemeente en aan derden toegebrachte schade.
De vergunninghouder is verplicht de redelijkerwijs mogelijke maatregelen te nemen teneinde te voorkomen dat de gemeente dan wel derden schade leiden als gevolg van gebruikmaking van deze vergunning.
Schade die u constateert bij aankomst op de standplaats, meldt u onmiddellijk, voordat u de standplaats in gebruik neemt, aan het college (gemeente@hethogeland.nl). Dit geldt ook voor schade die ontstaan is tijdens het gebruik.
De gemeente Het Hogeland is niet aansprakelijk voor schade, in welke vorm ook, ontstaan door gebruikmaking van deze vergunning.
Hoofdstuk 4
Artikel 12
Standaard voorwaarden bij vergunning
Onderdeel van Beleidsregels standplaatsen Het Hogeland 2021