Een woonvoorziening of woningaanpassing wordt niet verstrekt:
voor zover de beperkingen voortvloeien uit de aard van de in de woning gebruikte materialen of de slechte staat van het onderhoud;
ten behoeve van hotels/pensions, trekkerswoonwagens, tweede woningen, niet gelegaliseerde vakantie‐ en recreatiewoningen, zogenaamde ADL-clusterwoningen en gehuurde kamers, met uitzondering van een voorziening voor verhuizing en inrichting;
voor zover het voorzieningen in gemeenschappelijke ruimten betreft, anders dan automatische deuropeners, hellingbanen, het verbreden van gemeenschappelijke toegangsdeuren, het aanbrengen van drempelhulpen of vlonders of het aanbrengen van een opstelplaats bij de toegangsdeur van de gemeenschappelijke ruimte;
indien de noodzaak het gevolg is van een verhuizing waarvoor geen aanleiding bestaat op grond van beperkingen bij de zelfredzaamheid of participatie en er geen belangrijke reden voor verhuizing aanwezig is;
indien de cliënt niet is verhuisd naar de voor zijn of haar beperkingen op dat moment meest geschikte woning, tenzij daarvoor vooraf schriftelijk toestemming is verleend door het college;
indien deze betrekking heeft op een woongebouw, dat specifiek gericht is op mensen met beperkingen of dat in de praktijk bewoond wordt door een specifieke groep, en het woongebouw niet voldoet aan de geldende vereisten voor een dergelijk woongebouw op grond van wettelijke voorschriften, algemeen aanvaarde regels of contractuele bepalingen, en aantoonbaar is dat de aangevraagde voorziening bij het wel voldoen aan die vereisten niet nodig zou zijn.
HOOFDSTUK 3.
Artikel 10.
Woonvoorzieningen en woningaanpassingen
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Delft 2022