Het college treft de nodige maatregelen om het misbruik en oneigenlijk gebruik van maatwerkvoorzieningen en pgb’s te voorkomen en te bestrijden. Tot deze maatregelen behoren in ieder geval:
het college zoekt waar mogelijk samenwerking met organisaties die zich ook bezighouden met het tegengaan van misbruik en oneigenlijk gebruik op het terrein van de zorg of aanverwante terreinen;
het college verricht zo nodig onderzoek bij aanbieders van maatwerkvoorzieningen die een subsidie- of contractrelatie met de gemeente onderhouden of die ondersteuning verlenen op grond van een pgb aan inwoners van Delft en die verplicht zijn om kosteloos hun medewerking te verlenen;
het college maakt afspraken met aanbieders van voorzieningen over de facturatie, resultaatsturingen, accountantscontroles, rechtmatigheids- en kwaliteitscontroles, zodat declaraties, uitbetalingen en de verleende zorg in overeenstemming zijn met de contractuele afspraken, de leveringsopdracht, de prestatieafspraken en de feitelijk geleverde prestaties;
het college controleert, al dan niet steekproefsgewijs, of de gemaakte afspraken zoals genoemd onder c worden nagekomen;
het college beperkt de looptijd van de indicaties of voert periodiek controles uit bij langlopende indicaties;
het college voert een grondige toets aan de voorkant uit bij de verstrekking van een pgb op:
de regiemogelijkheden van de cliënt of degene die de cliënt als vertegenwoordiger wenst in te schakelen als budgetbeheerder;
de kwaliteit van de invulling van het door de cliënt en de pgb-aanbieder te overleggen budgetplan mede met het oog op de te bereiken resultaten.
het college monitort het gebruik van het Pgb en de behaalde resultaten in relatie tot de gestelde doelen.
HOOFDSTUK 7.
Artikel 27.
Tegengaan misbruik en oneigenlijk gebruik
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Delft 2022