**1..** De rechten als bedoeld in artikel 15, tweede en derde lid zijn verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
**2..** De rechten als bedoeld in artikel 15, eerste en vierde lid zijn verschuldigd per incident of bij aanvang van de dienstverlening.
**3..** Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt zijn de rechten als bedoeld in artikel 15, derde lid verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
**4..** Indien de belastingplicht in de loop van het jaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als bedoeld in artikel 15, derde lid als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
**5..** Het derde en vierde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist.
**6..** Indien het totaal van de aanslag(en) reinigingsrechten verenigd op één aanslagbiljet minder dan € 10,- bedraagt, wordt geen aanslag opgelegd.
**7..** Een vermindering van de aanslag leidt niet tot een teruggaaf indien het te restitueren bedrag minder bedraagt dan € 5,00 .
HOOFDSTUK
Artikel 16
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing en reinigingsrechten gemeente Nijmegen 2022