Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.2

Artikel 5

Vrijstellingen

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van reclamebelasting Zandvoort 2022

De reclamebelasting wordt niet geheven ter zake van openbare aankondigingen: die als algemene bewegwijzering waarmee een algemeen belang wordt gediend, kunnen worden aangemerkt; die door de gemeente of in opdracht van de gemeente is geplaatst of aangebracht, indien en voor zover de openbare aankondiging geschiedt ter uitvoering van de publiekrechtelijke taak; aangebracht door of namens winkeliersverenigingen, het centrummanagement, of wijkorganen, waarbij de openbare aankondiging uitsluitend bestaat uit een vlag met naam van de winkeliersvereniging, het centrummanagement, het winkelcentrum of het wijkorgaan; op bouwterreinen, voor zover de openbare aankondigingen rechtstreeks betrekking hebben op de op dat terrein in uitvoering zijnde bouwwerkzaamheden; van instellingen die door de Rijksbelastingdienst zijn aangewezen als Algemeen Nut Beogende Instellingen (ANBI) of die voldoen aan de criteria van de Rijksbelastingdienst voor een Sociaal Belang Behartigende Instelling (SBBI) en die uitsluitend betrekking hebben op de functie van het gebouw of de naam van de instelling; die zijn bestemd voor de verkoop of verhuur van onroerende zaken, indien deze aanwezig zijn in de onmiddellijke nabijheid van de te verkopen zaak; die door politieke partijen zijn aangebracht en die een ideëel belang dienen; die zijn aangebracht op scholen, ziekenhuizen, kerken en moskeeën, en die uitsluitend betrekking hebben op de functie van het gebouw; waarvan de (gezamenlijke) oppervlakte per vestiging of bouwwerk minder dan 0,35 vierkante meter bedraagt; aanwezig bij sportvelden die alleen in competitieverband op amateurbasis of recreatief worden gebruikt; aanwezig op de reguliere weekwarenmarkt op het daartoe aangewezen marktterrein en waarvoor ook reeds marktgeld is verschuldigd.

Rechtspraak bij dit artikel