De belasting wordt niet geheven voor honden:
die zijn opgeleid tot en dienen als hulphond voor een persoon met een fysieke en/of geestelijke zorgvraag en in hoofdzaak als zodanig door of ten behoeve van deze persoon worden gehouden;
die verblijven in een aan één locatie gebonden ruimte of ruimtes bestemd of gebruikt voor het in bewaring houden van honden die zwervend zijn aangetroffen, dan wel waarvan door de eigenaar permanent afstand is gedaan, welke locatie als inrichting is aangemeld overeenkomstig artikel 3.8, eerste lid, van het Besluit houders van dieren (hondenasiel);
die uitsluitend ten verkoop of aflevering in voorraad worden gehouden in een inrichting als bedoeld in artikel 3.7, eerste lid, van het Besluit houders van dieren;
die jonger zijn dan drie maanden, voor zover zij tezamen met de moederhond worden gehouden;
waarvoor de houder in het bezit is van een geldend diploma dat is afgegeven door de Koninklijke Nederlandse Politiehondenvereniging en de houder zich verbonden heeft zijn hond met een geleider aan wiens bevelen de hond gehoorzaamt, op aanvraag ter beschikking van de politie te stellen;
die gekwalificeerd en direct inzetbaar zijn als reddingshond en waarbij de houder van de hond kan aantonen dat hij/zij is aangesloten bij een erkende stichting of vereniging.
Artikel 3
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting 2022 (Verordening hondenbelasting Renkum 2022)