Naar hoofdinhoud

Artikel 24.

Bijdrage verblijf in opvang

Onderdeel van Verordening Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Midden-Groningen 2022

Een inwoner is voor verblijf in opvang een bijdrage verschuldigd. De bijdrage voor opvang is gelijk aan de kostprijs voor het verblijf, met inachtneming van paragraaf vier van hoofdstuk drie van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. Onder de kostprijs van maatschappelijke opvang wordt de prijs verstaan waarvoor de gemeente opvang voor een inwoner heeft ingekocht. Inwoner mag bij opvang niet minder overhouden na het heffen van de bijdrage dan een bedrag aan zak- en kleedgeld, waarbij de zak- en kleedgeldgrens gelijk is aan het van toepassing zijnde bedrag, vermeld in artikel 23, eerste lid van de Participatiewet, zoals dat geldt in het lopende kalenderjaar, alsmede een bedrag in verband met de standaardpremie gecorrigeerd met de zorgtoeslag en inclusief vakantiegeld, overeenkomstig volgens artikel 1, eerste lid, onderdeel g, van de Wet op de zorgtoeslag. Indien de instelling bij voltijdopvang of crisisopvang aan de inwoner geen voeding verstrekt, dient de instelling de inwoner een bedrag per dag beschikbaar te stellen voor het inkopen van voedingsmiddelen. Dit bedrag is gelijk aan het bedrag dat het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting jaarlijks berekent als gemiddelde kosten voor voeding per dag. Afwezigheid uit de opvang, anders dan in verband met beëindiging van de opvang, wordt voor de verschuldigdheid van de bijdrage buiten beschouwing gelaten. Een inwoner is geen bijdrage verschuldigd, indien hij een vergoeding voor huisvesting betaalt aan een instelling. Voor dagopvang, nachtopvang en noodopvang voor personen die de huiselijke situatie hebben verlaten in verband met risico’s voor hun veiligheid als gevolg van huiselijk geweld is voor maximaal drie dagen geen bijdrage verschuldigd. Een inwoner is bij maatschappelijke opvang geen bijdrage verschuldigd als hij tijdens zijn verblijf woonkosten is verschuldigd als hoofdbewoner voor de woning die hij heeft verlaten in verband met risico’s voor de veiligheid in verband met huiselijk geweld. De door het college aangewezen instellingen voor maatschappelijke opvang en opvang van personen die de huiselijke situatie hebben verlaten in verband met risico’s voor hun veiligheid als gevolg van huiselijk geweld zijn verplicht de vastgestelde bijdrage van de inwoner te innen in alle gevallen dat de bijdrage niet door de gemeente wordt ingehouden op de bijstandsuitkering of inkomensvoorziening van de inwoner. Het college stelt de bijdrage voor opvang vast.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel