Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 18.

Een woonvoorziening

Onderdeel van Nadere regels Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Midden-Groningen 2022

Een inwoner met beperking kan voor een woonvoorziening in aanmerking komen als deze voorziening noodzakelijk is voor het compenseren van de belemmeringen die worden ondervonden bij het normale gebruik van de woonruimte. Een woonvoorziening wordt verstrekt ten behoeve van de woonruimte waar de inwoner met beperking woonachtig is of zal zijn en die geschikt is om het hele jaar door bewoond te worden. Woonvoorzieningen zijn niet van toepassing op: het treffen van voorzieningen aan hotels/pensions, trekkerswoonwagens, kloosters, tweede woningen, vakantiewoningen, recreatiewoningen, kamerverhuur; het treffen van voorzieningen in specifiek op mensen met beperkingen gerichte woongebouwen voor wat betreft voorzieningen in gemeenschappelijke ruimten of voorzieningen die bij nieuwbouw of renovatie zonder noemenswaardige meerkosten meegenomen kunnen worden. Woonvoorzieningen worden onder andere onderscheiden in: verhuis- en inrichtingskosten; een bouwkundige of woontechnische woningaanpassing; roerende woonvoorzieningen; overige woonvoorzieningen. Het bezoekbaar maken van één woonruimte waarbij de inwoner met een beperking in ieder geval de woonkamer en een toiletvoorziening kan bereiken en gebruiken wordt beschouwd als een bouwkundige of woontechnische aanpassing wanneer de persoon met een beperking woonachtig is in een instelling voor langdurige zorg. Een traplift wordt beschouwd als een roerende woonvoorziening. De woonvoorziening verhuizen of woningsanering wordt geleverd in natura of als pgb, tenzij een inwoner met een beperking kiest voor een tegemoetkoming aannemelijke meerkosten. De in het vorige lid bedoelde voorziening, wordt alleen verstrekt indien de nieuwe woonruimte voldoet aan het programma van eisen, zoals gesteld in de beschikking. De in het zevende lid bedoelde voorziening wordt niet verstrekt als: een inwoner met beperking is verhuisd voordat op zijn aanvraag voor tegemoetkoming aannemelijke meerkosten voor verhuis- en inrichtingskosten is beschikt, tenzij het college vooraf uitdrukkelijk toestemming heeft gegeven, of de persoon met beperking de noodzaak, adequaatheid en passendheid van de nieuwe woning ten opzichte van de oude woning aantoont; een inwoner niet is verhuisd naar de voor zijn of haar beperkingen op dat moment meest geschikte woning, tenzij daarvoor schriftelijk toestemming is verleend door het college; een inwoner met beperking voor het eerst zelfstandig gaat wonen; een inwoner met beperking geen belemmeringen in het normale gebruik van de woning ondervindt, tenzij het een verhuizing naar een ADL-woning betreft; een inwoner met beperking verhuist naar een instelling voor langdurige zorg en de gemeente op grond van de wet voor deze persoon niet langer voor de ondersteuning verantwoordelijk is. Geen recht op een woonvoorziening bestaat indien de voorziening betrekking heeft op een hoger niveau dan het uitrustingsniveau van de sociale woningbouw. Een aanpassing ten behoeve van gemeenschappelijke ruimten is niet mogelijk ten behoeve van wooncomplexen die specifiek bestemd zijn voor ouderen of personen met een beperking.

Rechtspraak bij dit artikel