Een huisbezoek is naar het oordeel van het college geïndiceerd als een belanghebbende aangeeft dat de kostendeler is vertrokken, tenzij op andere wijze voldoende aannemelijk gemaakt kan worden dat dit ook de feitelijke situatie is.
Een huisbezoek kan achterwege blijven als aangetoond is dat de vertrokken kostendeler aansluitend onder de uitzonderingen valt van de kostendelersnorm (zoals studie).
Ook kan een huisbezoek achterwege blijven als door middel van een huurcontract met een woningcorporatie het vertrek is aangetoond (huurcontract moet uitsluitend op naam staan van de vertrokken kostendeler), tenzij er desondanks sprake is van een vermoeden dat de vertrokken kostendeler niet feitelijk is vertrokken. In alle overige gevallen wordt een huisbezoek aangeboden (inwoning bij familie, kamer, kostganger, particuliere huurder etc.).
Hoofdstuk 2: › Paragraaf 2.2:
Artikel 12:
Vertrek kostendeler
Onderdeel van Beleidsregel Participatiewet/IOAW/IOAZ Midden-Groningen 2022