In de volgende situaties gaat het college er in principe van uit dat de huisgenoot (tijdelijk) geen gebruikelijke hulp biedt of kan bieden:
de cliënt heeft een zeer korte levensverwachting;
de huisgenoot is overbelast of dreigt dat te geraken;
de huisgenoot is voor aaneengesloten periode(n) niet aanwezig vanwege activiteiten elders met een verplichtend karakter; of
er is naar het oordeel van het college sprake van bijzondere omstandigheden. Hieronder kan bijvoorbeeld een stapeling van ondersteunings- en/of zorgtaken worden verstaan.
In voorkomende gevallen kan het college ook al dan niet tijdelijk een maatwerkvoorziening verstrekken zodat de cliënt en zijn huisgenoot in de gelegenheid worden gesteld een oplossing te vinden. Denk bijvoorbeeld aan kinderopvang.
In de volgende situaties is geen sprake van gebruikelijke hulp.
Individuele vervoersbehoefte
De cliënt kan een individuele lokale vervoersbehoefte hebben die zelfstandig kan worden gedaan met een vervoersvoorziening. In die gevallen kan (mag) de cliënt niet voor alle ondersteuning bij vervoer afhankelijk zijn van zijn huisgenoten in het kader van gebruikelijke hulp. In die gevallen kan het verstrekken van een vervoersvoorziening of tegemoetkoming in de kosten voor het gebruik van eigen auto aan de cliënt zijn aangewezen.
Niet leerbaar
Voor zover de huisgenoot geobjectiveerde beperkingen heeft of kennis dan wel vaardigheden mist om gebruikelijke hulp aan de cliënt te bieden en deze vaardigheden niet kunnen worden aangeleerd wordt van hen geen gebruikelijke hulp verwacht.
Permanent toezicht
Het bieden van permanent toezicht of 24 uurs ondersteuning in de nabijheid valt niet onder gebruikelijke hulp.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.7
Geen gebruikelijk hulp
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Noordoostpolder 2022