De leefeenheid is primair verantwoordelijk voor het eigen huishouden en de hoe de huishoudelijke activiteiten worden verdeeld en uitgevoerd. Volgens algemeen aanvaardbare opvattingen wordt het overnemen van of ondersteunen bij het uitvoeren van huishoudelijke taken verwacht van huisgenoten. Dat is in lijn met de vaste jurisprudentie (bijv. CRVB:2018:2721, CRVB:2019:1334, CRVB:2019:2616, CRVB:2021:1114). Het college zal - als het onderzoek daartoe aanleiding geeft - vast moeten (laten) stellen of de huisgenoot in staat is de huishoudelijke taken over te nemen, al dan niet onder aansturing van de cliënt (CRVB:2019:2616). Dat kan bijvoorbeeld met een medisch advies (zie Hoofdstuk 17 Advisering van deze beleidsregels). Dat de huisgenoot weigert om huishoudelijke taken te verrichten, maakt niet dat het college, met toepassing van de hardheidsclausule, gehouden is om huishoudelijke ondersteuning toe te kennen (CRVB:2016:3665). Er kunnen zich ook situaties voordoen dat de huisgenoot de taken niet kan overnemen omdat het gaat om niet-uitstelbare taken. Dit gelet op de beschikbaarheid van de huisgenoot. Zie verder Hoofdstuk 4 Gebruikelijke hulp van deze beleidsregels.
Hoofdstuk 8
Artikel 8.9
Gebruikelijke hulp
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Noordoostpolder 2022