**1..** Het is verboden een voertuig dat voor recreatie of anderszins voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt:
** a. .** langer dan gedurende drie achtereenvolgende dagen binnen de bebouwde kom op de weg te plaatsen of te hebben in de periode van 1 september tot 1 juni;
** b. .** langer dan gedurende zes achtereenvolgende dagen binnen de bebouwde kom op de weg te plaatsen of te hebben in de periode van 1 juni tot 1 september.
** c..** op een door het college aangewezen plaats te parkeren, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente.
** 2. .** Het is verboden een voertuig dat voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt en anders dan voor recreatie:
** a. .** langer dan gedurende drie achtereenvolgende dagen binnen de bebouwde kom op de weg te plaatsen of te hebben;
** b. .** op een door het college aangewezen plaats te parkeren, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente.
Hoofdstuk 5. › Paragraaf
Artikel 5:6