In deze regeling wordt verstaan onder:

  • - Activiteiten als bedoeld in art. 7.8.2 van de Integrale verordening sociaal domein: het totaal aan activiteiten zoals deze genoemd worden in de bijlage bij deze regeling;
  • - Bijstandsnorm: het bedrag van de van toepassing zijnde (gezins)norm, inclusief de maximale gemeentelijke toeslag, zoals vastgelegd in de artikelen 20 tot en met 29 van de Participatiewet;
  • - Inkomen: Het inkomen als bedoeld in art. 32 Participatiewet. In afwijking hiervan word een bijstandsuitkering voor de beoordeling van het recht op activiteitenfonds gezien als inkomen.

    Art. 33 lid 5 Participatiewet (pensioenvrijlating) is van overeenkomstige toepassing.

    Aanvullend op de bepaling in de integrale verordening sociaal domein 2022wordt op het totaal van maandelijkse inkomsten wordt in mindering gebracht:

    • - het verschil tussen de verschuldigde maandelijkse woonlasten en de normhuur die van toepassing is bij de laagste inkomenscategorie als bedoeld in de Wet op de Huurtoeslag;
    • - een twaalfde gedeelte van de verschuldigde aanslag plaatselijke belastingen, na aftrek van de toegekende kwijtschelding;
  • - Vermogen: het vermogen als bedoeld in art. 34 Participatiewet, aanvullend op de integrale verordening sociaal domein 2022 te verhogen met een bedrag van € 3.000 per volwassene;
  • - Oudere: personen die aanspraak kunnen maken op een AOW-uitkering;
  • - Arbeidsgehandicapte: de arbeidsgehandicapte als bedoeld in de wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA) en de persoon met een Wajong uitkering.