Een maatwerkvoorziening wordt niet verstrekt wanneer een inwoner een indicatie heeft op grond van:
de Wet langdurige zorg (zie artikel 2.8);
de Zorgverzekeringswet bijvoorbeeld zittend ziekenvervoer of ambulancevervoer (zie artikel 2.9);
de Jeugdwet2Ziekenvervoer via de Zorgverzekeringswet (Zvw)Op grond van de Zvw bestaat aanspraak op zittend ziekenvervoer als de inwoner onder de doelgroep valt (nierdialyses moet ondergaan; oncologische behandelingen met chemotherapie immuuntherapie of radiotherapie moet ondergaan; zich uitsluitend per rolstoel kan verplaatsen of het gezichtsvermogen zodanig is beperkt dat hij zich niet zonder begeleiding kan verplaatsen; jonger dan 18 jaar is, en gebruik maakt van verzorging vanwege complexe somatische (lichamelijke) problematiek, of een lichamelijke handicap heeft; aangewezen is op geriatrische revalidatiezorg.);
de Wet werk en Inkomen naar arbeidsvermogen, bijvoorbeeld vervoer in het kader van betaalde arbeid of regulier onderwijs.
Wel moet worden beoordeeld wat buiten de voorliggende aanspraak valt, dit blijft voor de Wmo.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.7
Voorliggende aanspraak
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning 2022